¿De o het con paar?
het paar
Significado
pair, couple
Ejemplo
Hier hebben ze een paar van die batterijen.
They have some of those batteries here.
- Plural
- de paren
- Diminutivo
- het paartje
- Demostrativo
- dit paar / dat paar
- Con adjetivo
- een mooi paar / het mooie paar