Ga naar de hoofdinhoud

De of het gebouw?

het gebouw

Betekenis

building, structure, construction

Voorbeeld

De gebouwen van een stad.

The buildings of a city.

Meervoud
de gebouwen
Verkleinwoord
het gebouwtje
Aanwijzend
dit gebouw / dat gebouw
Met bijvoeglijk naamwoord
een mooi gebouw / het mooie gebouw