De of het gezondheidszorg?
de gezondheidszorg
- Meervoud
- de gezondheidszorgen
- Verkleinwoord
- het gezondheidszorgje
- Aanwijzend
- deze gezondheidszorg / die gezondheidszorg
- Met bijvoeglijk naamwoord
- een mooie gezondheidszorg / de mooie gezondheidszorg
de gezondheidszorg