De of het huisarts?
de huisarts
Betekenis
general practitioner, primary care physician
- Meervoud
- de huisartsen
- Verkleinwoord
- het huisartsje
- Aanwijzend
- deze huisarts / die huisarts
- Met bijvoeglijk naamwoord
- een mooie huisarts / de mooie huisarts
de huisarts
general practitioner, primary care physician