De of het nagel?
de nagel
Betekenis
a nail (on the fingers or toes)
Voorbeeld
Het fotolijstje hangt aan een nagel.
The picture frame is hanging on a nail.
De tijgerin sloeg haar nagels uit.
The tigress drew out her nails.
- Meervoud
- de nagels
- Verkleinwoord
- het nageltje
- Aanwijzend
- deze nagel / die nagel
- Met bijvoeglijk naamwoord
- een mooie nagel / de mooie nagel