De of het recht?
het recht
Betekenis
a right, competence, authority, privilege
Voorbeeld
Het recht heeft beslist.
The law has decided.
Je hebt het recht niet om dat te doen!
You don't have the right to do that!
- Meervoud
- de rechten
- Verkleinwoord
- het rechtje
- Aanwijzend
- dit recht / dat recht
- Met bijvoeglijk naamwoord
- een mooi recht / het mooie recht