Ga naar de hoofdinhoud

De of het reisbureau?

het reisbureau

Betekenis

travel agency

Voorbeeld

Het reisbureau was dicht tijdens de zomervakantie.

The travel agency was closed during the summer holidays.

Meervoud
de reisbureaus
Verkleinwoord
het reisbureautje
Aanwijzend
dit reisbureau / dat reisbureau
Met bijvoeglijk naamwoord
een mooi reisbureau / het mooie reisbureau