De of het wereldkampioen?
de wereldkampioen
- Meervoud
- de wereldkampioenen
- Verkleinwoord
- het wereldkampioentje
- Aanwijzend
- deze wereldkampioen / die wereldkampioen
- Met bijvoeglijk naamwoord
- een mooie wereldkampioen / de mooie wereldkampioen
de wereldkampioen