Ga naar de hoofdinhoud

wijd of wijdt?

Beide spellingen zijn juist, maar ze hebben een verschillende grammaticale functie.

wijd
goed gespeld
  • Stam (ik-vorm)
wijdt
goed gespeld
  • Tegenwoordige tijd enkelvoud (jij/je v贸贸r het werkwoord; u/hij/zij/het)

Waarom?

wijd is de ik-vorm van wijden; deze vorm gebruik je ook wanneer jij/je als onderwerp na het werkwoord staat. wijdt gebruik je bij jij/je v贸贸r het werkwoord, bij u en bij een onderwerp in de derde persoon enkelvoud.

Werkwoordsvormen

Hele werkwoord
wijden
Stam (ik-vorm)
wijd
Tegenwoordige tijd enkelvoud (jij/je v贸贸r het werkwoord; u/hij/zij/het)
wijdt
Voltooid deelwoord
gewijd
Leer de volledige regel voor d, t en dt