De of het bescheidenheid?
de bescheidenheid
- Meervoud
- de bescheidenheden
- Verkleinwoord
- het bescheidenheidje
- Aanwijzend
- deze bescheidenheid / die bescheidenheid
- Met bijvoeglijk naamwoord
- een mooie bescheidenheid / de mooie bescheidenheid
de bescheidenheid