Ga naar de hoofdinhoud

De of het genoegdoening?

de genoegdoening

Meervoud
de genoegdoeningen
Verkleinwoord
het genoegdoeninkje
Aanwijzend
deze genoegdoening / die genoegdoening
Met bijvoeglijk naamwoord
een mooie genoegdoening / de mooie genoegdoening