Ga naar de hoofdinhoud

De of het vakantie?

de vakantie

Betekenis

a holiday, vacation

Voorbeeld

Droom jij ook van een vakantie die wat langer duurt?

Do you also dream of a vacation that lasts a bit longer?

Waarom?

Zelfstandige naamwoorden met deze uitgang krijgen meestal de.

Lees meer over deze regel
Meervoud
de vakanties
Verkleinwoord
het vakantietje
Aanwijzend
deze vakantie / die vakantie
Met bijvoeglijk naamwoord
een mooie vakantie / de mooie vakantie