De of het verblijfsvergunning?
de verblijfsvergunning
- Meervoud
- de verblijfsvergunningen
- Verkleinwoord
- het verblijfsvergunninkje
- Aanwijzend
- deze verblijfsvergunning / die verblijfsvergunning
- Met bijvoeglijk naamwoord
- een mooie verblijfsvergunning / de mooie verblijfsvergunning