De ou het pour armoedzaaier ?
de armoedzaaier
Sens
one who is extremely poor, a down-and-outer, a beggar
Exemple
Schaamt zoo'n ongelukkige armoedzaaier zich niet een oppassend huisvader van zeven nog zeer jeugdige kinderen zoo plotseling broodeloos op straat te zetten?
Isn't such a deplorable troublemaker ashamed about suddenly kicking a cautious father with a family of seven very young children onto the street without employment?
- Pluriel
- de armoedzaaiers
- Diminutif
- het armoedzaaiertje
- Démonstratif
- deze armoedzaaier / die armoedzaaier
- Avec un adjectif
- een mooie armoedzaaier / de mooie armoedzaaier