De of het aanloop?
de aanloop
Betekenis
run-up (approach run)
Voorbeeld
aanloop naar de verkiezingen
run-up to the elections
Zij nam een aanloop en waagde de sprong.
She did a run-up and risked the jump.
- Meervoud
- de aanlopen
- Verkleinwoord
- het aanloopje
- Aanwijzend
- deze aanloop / die aanloop
- Met bijvoeglijk naamwoord
- een mooie aanloop / de mooie aanloop