De of het tegenspeler?
de tegenspeler
Betekenis
counterpart
- Meervoud
- de tegenspelers
- Verkleinwoord
- het tegenspelertje
- Aanwijzend
- deze tegenspeler / die tegenspeler
- Met bijvoeglijk naamwoord
- een mooie tegenspeler / de mooie tegenspeler
de tegenspeler
counterpart