gebrek: de mi, het mi?
het gebrek
Anlam
lack (deficiency, need)
Örnek
een gebrek aan…
a lack of…
een gebrek hebben aan…
to lack… (literally, “to have a lack of…”)
- Çoğul
- de gebreken
- Küçültme biçimi
- het gebrekje
- İşaret sözcüğü
- dit gebrek / dat gebrek
- Sıfatla
- een mooi gebrek / het mooie gebrek