Inburgering.org Logo

Inburgering.org

  • Cursussen
  • Exameninfo
  • Podcasts
  • Gratis
Inburgering.org Logo

Inburgering.org

Prijzen

Exameninfo

Podcasts

Grammatica

Privacybeleid

Algemene voorwaarden

Veelgestelde vragen

Contact

Partners

Luisteren

A1

A2

B1

B2

Lezen

A1

A2

B1

B2

Spreken

A1

A2

B1

B2

Schrijven

A1

A2

B1

B2

Inburgering

A1

A2

B1

B2

KNM

KNS

Hulp nodig?
Neem contact met ons op via info@inburgering.org

Word lid van onze community:

Instagram

Oefenbot

Telegram-groep

Facebook-groep:

A1

A2

B1

B2

Telegram-kanalen:

A1

A2

B1

B2

© 2026 Inburgering.org. Alle rechten voorbehouden.

Inburgering.org/Grammar/Onscheidbare werkwoorden in het Nederlands (verkopen, betalen, ontmoeten)

Onscheidbare werkwoorden in het Nederlands (verkopen, betalen, ontmoeten)

Samengestelde werkwoorden waarvan het voorvoegsel nooit loskomt en waarvan het voltooid deelwoord geen ge- krijgt, omdat de klemtoon op de stam ligt, niet op het voorvoegsel.

Een onscheidbaar werkwoord is een samengesteld werkwoord waarvan het voorvoegsel voorgoed vastzit: het komt nooit los zoals bij een scheidbaar werkwoord. verkopen, betalen en ontmoeten houden hun voorvoegsel in elke vorm: Ik verkoop mijn fiets, Ik heb mijn fiets verkocht. De aanwijzing is de klemtoon — die ligt op de stam (ver-KÓ-pen), niet op het voorvoegsel.

Hoe gedragen ze zich?

Behandel een onscheidbaar werkwoord als één enkelvoudig werkwoord: het voorvoegsel blijft staan in de tegenwoordige en de verleden tijd, en het voltooid deelwoord krijgt geen ge- — het voorvoegsel staat waar ge- normaal zou staan.

  1. Tegenwoordige en onvoltooid verleden tijd: vervoeg het hele woord, met voorvoegsel en al. betalen → ik betaal, hij betaalt, ik betaalde. Het voorvoegsel gaat nooit naar het eind.
  2. Voltooid deelwoord: laat ge- weg en voeg de gewone -d/-t aan de stam toe (het voorvoegsel vult de ge--plek al). betalen → betaald, verkopen → verkocht, ontmoeten → ontmoet.
InfinitiefTegenwoordige tijd (ik)Verleden tijd (ik)Voltooid deelwoord
betalenbetaalbetaaldebetaald
verkopenverkoopverkochtverkocht
ontmoetenontmoetontmoetteontmoet
vertellenvertelverteldeverteld
begrijpenbegrijpbegreepbegrepen

Vergelijk twee deelwoorden naast elkaar: het scheidbare opgebeld heeft ge- in het midden, het onscheidbare betaald heeft helemaal geen ge-. Meer over de gewone regel in hoe je het voltooid deelwoord vormt.

Welke voorvoegsels zijn altijd onscheidbaar?

Zes voorvoegsels zijn in de regel onscheidbaar, en alle zes zijn onbeklemtoond. Leer dit korte lijstje en je herkent de meeste onscheidbare werkwoorden meteen.

  • be-: beginnen, betalen, begrijpen
  • ge-: geloven, gebeuren
  • ver-: verkopen, vertellen, vergeten
  • ont-: ontmoeten, ontdekken
  • her-: herhalen, herkennen
  • er-: erkennen

In de regel krijgt geen van deze een ge- in het deelwoord: begonnen, geloofd, verteld, ontdekt, herhaald, erkend. De enige kanttekening is een paar her--werkwoorden waarin her- niet het echte voorvoegsel is (de klemtoon valt elders); die houden wél ge- — herbergen → geherbergd. De alledaagse werkwoorden hierboven volgen allemaal de regel. Een handvol andere voorvoegsels (om-, onder-, over-, door-, voor-, mis-, vol-, aan-) kan scheidbaar of onscheidbaar zijn, afhankelijk van het werkwoord; daar beslist de klemtoon — zie scheidbaar of onscheidbaar?.

Wanneer gebruik je het

  • In elke tijd blijft het werkwoord heel: Zij vertelt een verhaal (tegenwoordige tijd), Zij vertelde een verhaal (verleden tijd), Zij heeft een verhaal verteld (voltooide tijd).
  • In een bijzin gaat het werkwoord naar het eind, maar het blijft nog steeds één geheel: … omdat ik mijn huis heb verkocht.
  • Kies het hulpwerkwoord zoals gewoonlijk: de meeste nemen hebben (Ik heb betaald), maar vergeten en beginnen kunnen zijn nemen bij een verandering van toestand (De les is begonnen).

Veelgemaakte fouten

Twee fouten komen vaak voor. Ten eerste ge- aan het deelwoord toevoegen: geverkocht en gebetaald zijn fout — onscheidbare werkwoorden krijgen geen ge-, dus het is verkocht en betaald. Ten tweede het werkwoord splitsen: Ik koop mijn fiets ver is fout; verkopen komt nooit los → Ik verkoop mijn fiets. Twijfel je, luister dan naar de klemtoon: op het voorvoegsel splitst het, op de stam blijft het heel.

  • Wat is het voltooid deelwoord van *betalen*?
    • gebetaald
    • betaald
    • betaalgd
    • gebetald

    *Betalen* is onscheidbaar (voorvoegsel *be-*), dus het krijgt geen *ge-*: stam *betaal* + *-d* → *betaald*.

  • Welke zin is correct?
    • Ik koop mijn auto ver.
    • Ik verkoop mijn auto.
    • Ik ver koop mijn auto.
    • Ik koop ver mijn auto.

    *Verkopen* is onscheidbaar; het voorvoegsel *ver-* komt nooit los → *Ik verkoop mijn auto.*

  • Vul in: *We hebben elkaar vorig jaar ___.* (ontmoeten)
    • geontmoet
    • ontmoette
    • ontmoet
    • ontgemoet

    *Ontmoeten* is onscheidbaar (voorvoegsel *ont-*), geen *ge-*, en de stam *ontmoet* eindigt al op een *t*, dus het deelwoord is *ontmoet.*

  • Waarom splitst *verkopen* niet, terwijl *opbellen* dat wel doet?
    • omdat *verkopen* langer is
    • omdat de klemtoon op de stam ligt (*verKÓpen*), niet op het voorvoegsel
    • omdat *verkopen* onregelmatig is
    • omdat *ver-* een zelfstandig naamwoord is

    De klemtoon maakt het verschil: een onscheidbaar werkwoord beklemtoont de stam (*verKÓpen*) en blijft heel; een scheidbaar werkwoord beklemtoont het voorvoegsel (*ÓPbellen*) en splitst.

  • Zoek de fout: *Hij heeft mij het hele verhaal geverteld.*
    • *het hele verhaal* is fout
    • *geverteld* moet *verteld* zijn
    • *heeft* moet *is* zijn
    • er is niets mis

    *Vertellen* is onscheidbaar (voorvoegsel *ver-*), dus het krijgt geen *ge-*: *verteld*, niet *geverteld*.

Test jezelf

Question 1 of 5

Wat is het voltooid deelwoord van betalen?

See also

  • Scheidbare werkwoorden: tegenwoordige en verleden tijd (Ik bel je op)
  • Scheidbaar of onscheidbaar? Wanneer de klemtoon de betekenis verandert (voorkomen)
  • Hoe vorm je het Nederlandse voltooid deelwoord (ge- ... -d/-t)