Bijstand in Nederland: wie er recht op heeft, hoeveel het is, wat je ervoor terug moet doen, en het risico voor je verblijfsvergunning
Bijstand is het minimuminkomen van je gemeente wanneer je geen ander geld hebt. Sinds 1 juli 2026 is dat €1.419,46 per maand voor een alleenstaande en €2.027,79 voor een echtpaar. Je moet werk zoeken, elke wijziging melden en je spaargeld onder €8.000 houden. Voor veel verblijfsvergunningen kan het aanvragen van bijstand de vergunning beëindigen.
- Auteur
- Door Inburgering.org team (Redactieteam)
- Reviewer
- Gereviewd door Kirill Svavolia (Redactionele review)
- Laatst bijgewerkt

Bijstand is de laagste vorm van inkomensondersteuning in Nederland. Je gemeente betaalt deze uitkering wanneer je geen werk hebt, geen andere uitkering hebt en niet genoeg geld hebt om van te leven. Ze vult je huishoudinkomen aan tot een vast minimumbedrag. Bijstand is niet hetzelfde als WW (werkloosheidsuitkering), die je opbouwt door te werken en die door het UWV wordt betaald. Bijstand hangt niet af van een arbeidsverleden, dus de voorwaarden zijn strenger: je spaargeld moet laag zijn, het inkomen van je partner telt mee, en je moet actief werk zoeken. Voor mensen met een verblijfsvergunning is er nog iets om te controleren voordat je aanvraagt, want bijstand kan gevolgen hebben voor de vergunning zelf.
Wie kan bijstand krijgen en hoeveel is het?
Je kunt bijstand krijgen als je rechtmatig in Nederland woont, 18 jaar of ouder bent, te weinig inkomen hebt om van te leven, en geen andere voorliggende voorziening kunt krijgen. Je eigen spaargeld en het inkomen van je partner tellen mee. Per 1 juli 2026 is het bedrag €1.419,46 per maand voor een alleenstaande of alleenstaande ouder, en €2.027,79 voor een gehuwd of samenwonend echtpaar. Deze bedragen zijn inclusief vakantiegeld. Je spaargeld moet onder €8.000 blijven voor een alleenstaande, of €16.000 voor een gezin. Je vraagt de uitkering aan bij je gemeente. Heb je een Nederlandse verblijfsvergunning, controleer dan eerst de regels van de IND: bijstand kan bepaalde vergunningen beëindigen.
Wie kan bijstand krijgen
Rijksoverheid stelt de voorwaarden vast. Je moet aan al deze voorwaarden voldoen:
- Je woont in Nederland, en je bent Nederlander of je hebt een geldige verblijfsvergunning.
- Je bent 18 jaar of ouder.
- Je hebt te weinig inkomen om je levensonderhoud te dekken.
- Je hebt te weinig eigen geld (vermogen) om van te leven.
- Je kunt geen aanspraak maken op een andere, voorliggende vorm van hulp of uitkering, zoals WW of studiefinanciering.
- Je zit niet in de gevangenis of in voorlopige hechtenis.
Bijstand is een huishoudensuitkering, geen persoonlijke uitkering. Als je met een partner samenwoont, kijkt de gemeente naar beide inkomens en al het spaargeld samen. Eén partner die parttime werkt kan al genoeg zijn om het huishouden boven de grens te brengen. Hetzelfde geldt voor elk inkomen dat je zelf hebt, waaronder alimentatie, huur van een huisgenoot, of geld uit het buitenland.
De vermogensgrens in 2026
Vermogen is het geld en de waardevolle bezittingen die je hebt, waaronder spaargeld en een tweede woning of vakantiewoning. De woning waarin je woont, wordt apart behandeld, onder eigen regels. Schulden tellen alleen mee wanneer je ze kunt aantonen, en studieschulden en schulden aan familieleden worden niet afgetrokken. De grenzen van 2026 zijn:
| Jouw huishouden | Maximaal eigen geld in 2026 |
|---|---|
| Alleenstaande | €8.000 |
| Alleenstaande ouder | €16.000 |
| Paar of gezin | €16.000 |
Heb je meer dan de grens, dan leef je eerst van je eigen geld. Je kunt opnieuw aanvragen zodra je spaargeld onder de grens zakt. Geld dat binnenkomt terwijl je bijstand ontvangt, telt ook mee, dus een erfenis of een grote gift kan de uitkering beëindigen. Vanaf 1 januari 2026 is er één uitzondering: je mag giften tot €1.200 per jaar ontvangen zonder dat dit gevolgen heeft voor je bijstand.
Hoeveel bijstand betaalt in 2026
De bedragen worden landelijk vastgesteld en veranderen twee keer per jaar, op 1 januari en 1 juli. De cijfers hieronder komen van de bedragenpagina van Rijksoverheid en uit artikel 21 van de Participatiewet, de wet die de normen vastlegt. Ze gelden voor mensen tussen de 21 jaar en de AOW-leeftijd. De wet geeft een alleenstaande ouder dezelfde norm als een alleenstaande.
| Jouw situatie | Per maand vanaf 1 jan 2026 | Per maand vanaf 1 jul 2026 |
|---|---|---|
| Alleenstaande | €1.401,50 | €1.419,46 |
| Alleenstaande ouder | €1.401,50 | €1.419,46 |
| Gehuwd of samenwonend echtpaar (samen) | €2.002,13 | €2.027,79 |
Deze bedragen zijn al inclusief vakantiegeld. Dat is het geld dat je ontvangt. Mensen van 18 tot 21 jaar krijgen een lagere jongerennorm. Mensen die de AOW-leeftijd hebben bereikt, krijgen meer: €1.587,34 voor een alleenstaande en €2.176,10 voor een paar per 1 juli 2026. Het bedrag kan ook lager uitvallen als je je woning deelt met andere volwassenen, wat in de volgende paragraaf wordt uitgelegd.
Bijstand is een minimum, dus de meeste huishoudens die het ontvangen komen ook in aanmerking voor toeslagen. Huurtoeslag, zorgtoeslag en kindgebonden budget staan los van de bijstand en worden betaald door de Belastingdienst, niet door de gemeente. Vraag ze zelf aan; de gemeente doet dit niet voor je. Het overzicht van toeslagen legt alle vier uit, en de handleiding huurtoeslag werkt de berekening van de huurtoeslag stap voor stap uit.
De kostendelersnorm: een woning delen verlaagt het bedrag
De kostendelersnorm betekent dat de gemeente je minder betaalt wanneer er andere volwassenen op jouw adres wonen. De reden is dat je de woonkosten deelt. Een huisgenoot telt alleen mee vanaf 27 jaar. Iedereen die de kosten deelt, krijgt een percentage van de norm voor een paar, en dat percentage daalt naarmate meer volwassenen de woning delen.
| Volwassenen die de woning delen | Percentage per persoon |
|---|---|
| 1 (je woont alleen) | 70% |
| 2 | 50% elk |
| 3 | 43,33% elk |
| 4 | 40% elk |
| 5 of meer | 38% elk |
Hier is een voorbeeld, met de paarnorm van juli 2026 van €2.027,79. Alleen krijg je 70%, wat gelijk is aan de alleenstaandennorm van €1.419,46. Deel je de woning met nog één volwassene van 27 jaar of ouder, dan krijgen jullie allebei 50%, dat is €1.013,90 per persoon.
Deze mensen op jouw adres tellen niet mee voor de kostendelersnorm:
- Iedereen onder de 27, ook je meerderjarige kinderen onder de 27.
- Je samenwonende partner, wanneer er verder niemand anders op het adres woont.
- Een commerciële onderhuurder, kostganger of verhuurder die op commerciële basis in dezelfde woning woont.
- Studenten in onderwijs dat met studiefinanciering bekostigd kan worden, en BBL-leerlingen.
- Een mantelzorger die tijdelijk intrekt bij de persoon voor wie hij of zij zorgt. De mantelzorger behoudt de volledige bijstand en telt niet mee als kostendeler. Vergoedingen en maaltijden die de mantelzorger voor de zorg ontvangt, tellen niet langer als inkomen.
Meld de gemeente precies wie er op jouw adres woont en op welke basis. Verhuur je een kamer, bewaar dan het huurcontract en het betalingsbewijs, want de uitzondering geldt alleen wanneer je dit kunt aantonen.
Wat je ervoor terug moet doen
Bijstand brengt vanaf de dag van je aanvraag verplichtingen met zich mee. De rechten en plichten zijn wettelijk vastgelegd, en de gemeente controleert ze.
- Sollicitatieplicht: je moet werk zoeken, aangeboden werk aannemen, en de baan behouden zodra je die hebt. Als de gemeente daarom vraagt, schrijf je je in bij uitzendbureaus.
- Reizen en verhuizen: je moet bereid zijn tot 3 uur per dag te reizen voor werk, en te verhuizen als dat nodig is om werk te krijgen. Ben je van plan te verhuizen, dan zoek je eerst werk op de nieuwe plek.
- Inlichtingenplicht: je meldt alles wat gevolgen heeft voor je uitkering, meteen en op eigen initiatief. Dat geldt voor inkomen, een erfenis, giften boven €1.200, het starten van een studie, vrijwilligerswerk, verhuizen en vakanties.
- Meewerken aan het traject naar werk: deelnemen aan de re-integratieondersteuning die de gemeente biedt, en je kennis en vaardigheden op peil houden.
- Tegenprestatie: onbetaald, maatschappelijk nuttig werk dat de gemeente je kan vragen te doen.
De tegenprestatie wordt door elke gemeente zelf bepaald, dus die verschilt per gemeente. Ze moet onbetaald en maatschappelijk nuttig zijn, en beperkt zijn in duur en aantal uren. Ze mag geen betaalde baan vervangen. Weiger je zonder goede reden, dan kan de gemeente je uitkering verlagen.
Extra regels als je onder de 27 bent
Mensen onder de 27 hebben een apart traject. Onder de regels voor jongeren besteed je eerst vier weken aan het zoeken van onderwijs of werk nadat je je bij de gemeente hebt gemeld. Je levert bewijs in van wat je hebt gedaan. Woon je samen met iemand van 27 jaar of ouder, dan kun je de aanvraag direct indienen en tijdens die vier weken blijven zoeken. Vindt de gemeente dat je zoektocht voldoende was, dan krijg je ook over die vier weken een uitkering.
De vierwekenwachttijd is niet langer absoluut. Sinds 1 januari 2026 krijgen jongeren die kwetsbaar zijn of in een moeilijke situatie zitten meteen bijstand en hoeven ze niet te wachten. Er zijn twee andere wijzigingen op dezelfde datum ingegaan. Je mag giften tot €1.200 per jaar aanvaarden. Jongeren onder de 27 houden ook 15% van wat ze per maand aan werk verdienen bovenop de uitkering. Dit komt uit de nieuwe bijstandsregels voor 2026 en 2027.
Het bufferbudget vanaf 2027
Vanaf 2027 is een bufferbudget gepland. Het is geen regeling die alleen voor jongeren geldt. Het is voor mensen in de bijstand die parttime werken, ongeacht hun leeftijd. Loon uit parttime werk gaat op en neer, dus in sommige maanden ligt het inkomen onder het sociaal minimum. In die maanden kan de gemeente het inkomen aanvullen, tot maximaal €1.000 per jaar.
Bijstand en je verblijfsvergunning
Bijstand kan gevolgen hebben voor je verblijfsvergunning. Controleer dit voordat je aanvraagt. Bijstand onder de Participatiewet is een voorziening uit openbare middelen. De IND geeft duidelijk aan dat het ontvangen van een uitkering uit openbare middelen kan leiden tot intrekking of niet-verlenging van je verblijfsvergunning. Dit is een reëel risico bij voorwaardelijke vergunningen, en met name bij vergunningen voor gezinsmigratie, omdat die vergunningen worden verleend onder de voorwaarde dat jij of je referent voldoende inkomen heeft.
Niet alles telt als openbare middelen, en niet iedereen loopt risico:
- Toeslagen zijn veilig. Het aanvragen van huurtoeslag, zorgtoeslag, kinderopvangtoeslag of kindgebonden budget beëindigt je verblijf in Nederland niet.
- Burgers van de EU, de EER en Zwitserland die vijf jaar of langer rechtmatig verblijf in Nederland hebben gehad, hebben meestal duurzaam verblijfsrecht, en de uitkeringsaanvraag beëindigt dat niet. Met minder dan vijf jaar verblijf kun je je verblijfsrecht verliezen, tenzij je nog steeds reëel en daadwerkelijk werk verricht, of genoeg geld hebt om jezelf te onderhouden, wat de IND toetst aan het Nederlandse minimumloon.
- Bijstand is niet de enige voorziening uit openbare middelen, dus controleer je eigen situatie bij de IND voordat je ervan uitgaat dat een uitkering onschadelijk is.
Bijstand voldoet ook niet aan de inkomenstoets van de IND. Voor vergunningen waarvoor inkomen vereist is, zoekt de IND naar inkomen dat zelfstandig, duurzaam en toereikend is. Bijstand telt niet als zelfstandig inkomen. WW, ziektewetuitkering, arbeidsongeschiktheidsuitkering en AOW tellen wel mee. Dit is van belang wanneer je een partner of kind laat overkomen, en wanneer je een vergunning met een inkomensvoorwaarde verlengt. De handleiding werkrechten per verblijfsvergunning legt uit wat jouw eigen vergunning toestaat, en het overzicht van verblijfsvergunningen behandelt de routes en hun voorwaarden.
Naturalisatie wordt indirect geraakt. De naturalisatievoorwaarden van de IND bevatten geen inkomensvoorwaarde en geen regel over uitkeringen. Bijstand op zich blokkeert dus geen Nederlands paspoort. Het kan wel de verblijfsvoorwaarde doorbreken. Je hebt vijf jaar in Nederland nodig met een geldige niet-tijdelijke verblijfsvergunning. Als bijstand ertoe leidt dat je vergunning wordt ingetrokken of niet wordt verlengd, wordt die periode van vijf jaar onderbroken. De examenkant van dezelfde aanvraag wordt behandeld in inburgering voor naturalisatie.
Veelvoorkomende problemen
Een terugvordering na niet-gemeld inkomen
Je doet twee dagen betaald werk, of je verkoopt online iets voor een paar honderd euro, en je meldt het niet. Maanden later vergelijkt de gemeente haar gegevens met die van de Belastingdienst en vindt het inkomen. Je krijgt dan een besluit dat de uitkering over die periode terugvordert, en vaak nog een boete daarbovenop. Onder de inlichtingenplicht ligt de meldplicht bij jou, niet bij je werkgever of de gemeente. Meld elke euro in de maand waarin je die ontvangt. Is er al een terugvorderingsbesluit binnengekomen, lees de brief dan zorgvuldig: daarin staat hoe je bezwaar kunt maken en voor welke datum de gemeente dat moet hebben.
Je uitkering daalt wanneer iemand intrekt
Een volwassene van 27 jaar of ouder schrijft zich in op jouw adres, en je bijstand zakt naar het kostendelerspercentage. Deze daling geldt ook wanneer de volwassene een familielid of een vriend is die voor korte tijd is ingetrokken. Twee situaties vormen een uitzondering: een huisgenoot onder de 27, en een echte onderhuurder met een huurcontract en een commerciële huur. Is je huisgenoot een onderhuurder, stuur het contract en het bewijs van de huurbetalingen dan naar de gemeente voordat de norm wordt aangepast. Is de huisgenoot onder de 27, controleer dan of de gemeente de juiste geboortedatum in je dossier heeft.
Je wordt geweigerd vanwege het inkomen van je partner
Bijstand wordt per huishouden berekend. Woon je met een partner, dan telt de gemeente beide inkomens bij elkaar op en vergelijkt het totaal met de paarnorm. Een partner die parttime werkt kan al genoeg zijn voor een weigering, ook wanneer jijzelf helemaal geen inkomen hebt. Dezelfde regel geldt voor spaargeld: het spaargeld van beide partners telt mee voor de grens van €16.000. Ligt het huishoudinkomen net onder de norm, dan kan de bijstand het nog steeds aanvullen tot de norm, in plaats van het volledige bedrag te betalen.
Spaargeld net boven de grens
Je hebt €9.000 op een spaarrekening als alleenstaande, dus je zit €1.000 boven de grens van €8.000 en de aanvraag wordt geweigerd. Dit los je niet op door het geld weg te sluizen of weg te geven. De gemeente controleert bankafschriften over een periode, en geld weggeven om in aanmerking te komen kan leiden tot een weigering en een terugvordering. De werkbare route is om van het geld boven de grens te leven en opnieuw aan te vragen zodra je eronder zakt. Bewaar de bankafschriften die laten zien waar het geld naartoe is gegaan, want de gemeente zal ernaar vragen.
Een sanctie na een gemiste afspraak of een geweigerd aanbod
De gemeente kan je uitkering verlagen of stopzetten als je niet aan de verplichtingen voldoet. Voorbeelden: niet solliciteren, passend werk weigeren, een afspraak overslaan, of de tegenprestatie weigeren zonder goede reden. Heb je een echte reden, zoals ziekte, zorgtaken of een afspraak die botst, meld dit dan schriftelijk vóór de datum en bewaar het bericht. Een mondelinge toelichting aan de balie is later moeilijk te bewijzen. De gemeente moet rekening houden met je persoonlijke omstandigheden voordat ze de uitkering verlaagt, dus zet die omstandigheden op papier. Elk sanctiebesluit komt als brief met daarin de bezwaarroute en de deadline.
Wat je nu kunt doen
- Controleer de voorwaarden en je eigen spaargeld aan de hand van de grenzen van 2026 hierboven.
- Heb je een verblijfsvergunning, vraag dan bij de IND na wat bijstand betekent voor die vergunning voordat je aanvraagt.
- Zoek op de naam van jouw gemeente plus 'bijstandsuitkering aanvragen' om de lokale aanvraagpagina en de gevraagde documenten te vinden.
- Vraag toeslagen apart aan bij de Belastingdienst, want die maken geen deel uit van de bijstand.
- Zet een herinnering om elke wijziging in werk, inkomen of huishouden in dezelfde maand aan de gemeente te melden.
Ligt jouw probleem meer bij inkomen dan bij uitkeringen, dan helpen twee andere gidsen. Lees werk vinden in Nederland zonder vloeiend Nederlands en de gids over de kosten van levensonderhoud, die laat zien wat een maand daadwerkelijk kost tegenover deze bedragen.
Officiële bronnen
Officiële bron gecontroleerd: July 2026.
- Rijksoverheid: Hoe wordt de hoogte van mijn bijstandsuitkering berekend? - de bijstandsnormen per 1 januari 2026 en per 1 juli 2026 (alleenstaande €1.401,50 en daarna €1.419,46; gehuwd of samenwonend echtpaar €2.002,13 en daarna €2.027,79; vanaf AOW-leeftijd €1.564,69 en daarna €1.587,34 voor een alleenstaande en €2.144,16 en daarna €2.176,10 voor een paar), dat deze bedragen vakantiegeld bevatten, en dat 18- tot 21-jarigen een lagere jongerennorm krijgen
- Participatiewet, artikel 21 (Normen 21–pensioengerechtigde leeftijd) op wetten.overheid.nl - dat dezelfde norm geldt voor "een alleenstaande of een alleenstaande ouder zonder kostendelende medebewoners", zodat het bedrag voor een alleenstaande ouder gelijk is aan dat voor een alleenstaande: €1.401,50 in de versie van het artikel van 1 januari 2026 en €1.419,46 in de versie van 1 juli 2026, tegenover €2.002,13 en daarna €2.027,79 voor gehuwde of samenwonende paren
- Rijksoverheid: Wanneer heb ik recht op algemene bijstand? - de voorwaarden voor bijstand (rechtmatig verblijf, 18 jaar of ouder, te weinig inkomen en eigen geld, geen andere voorliggende voorziening, niet gedetineerd), de vermogensgrenzen van 2026 van €8.000 voor een alleenstaande en €16.000 voor een alleenstaande ouder, paar of gezin, en wat als vermogen telt
- Rijksoverheid: Wat is de kostendelersnorm in de bijstand? - dat medebewoners meetellen vanaf 27 jaar, de percentages van de paarnorm per persoon (70% alleen, 50% bij twee, 43,33% bij drie, 40% bij vier, 38% bij vijf of meer), en de uitzonderingen voor jongeren onder de 27, een samenwonende partner, commerciële onderhuurders, studenten inclusief BBL, en een mantelzorger die tijdelijk inwoont
- Rijksoverheid: Wat zijn mijn rechten en plichten in de bijstand? - de plicht om werk te zoeken en te aanvaarden, je op verzoek in te schrijven bij uitzendbureaus, tot 3 uur per dag te reizen en te verhuizen voor werk, de inlichtingenplicht inclusief giften boven €1.200, en dat de gemeente de uitkering kan verlagen met inachtneming van persoonlijke omstandigheden
- Rijksoverheid: Moet ik een tegenprestatie doen voor mijn bijstandsuitkering? - dat de tegenprestatie onbetaald, maatschappelijk nuttig en beperkt in tijd en omvang is, door de gemeente wordt bepaald, en dat weigeren je een deel van de uitkering kan kosten
- Rijksoverheid: Welke regels gelden er voor de bijstand voor jongeren tot 27 jaar? - de vierwekentermijn voor het zoeken naar werk of opleiding voor mensen onder de 27, dat iemand onder de 27 die samenwoont met iemand van 27 of ouder direct kan aanvragen en tijdens die vier weken kan blijven zoeken, het bewijs dat moet worden ingeleverd, en dat de uitkering ook over die periode wordt betaald wanneer het zoeken voldoende was
- Rijksoverheid: Nieuwe regels bijstand 2026 en 2027 - de wijzigingen vanaf 1 januari 2026 (geen vierwekenwachttijd meer voor kwetsbare jongeren onder de 27, giften tot €1.200 per jaar toegestaan, jongeren onder de 27 houden 15% van hun maandloon, en mantelzorgers die intrekken bij de persoon voor wie ze zorgen houden hun volledige uitkering terwijl zorgvergoedingen en maaltijden niet meer als inkomen tellen), en het bufferbudget vanaf 2027 van maximaal €1.000 per jaar voor mensen in de bijstand die parttime werken
- IND: Benefits from public funds - dat bijstand onder de Participatiewet een voorziening uit openbare middelen is die een verblijfsvergunning kan beëindigen, dat het aanvragen van huurtoeslag, zorgtoeslag of kinderopvangtoeslag dat niet doet, en dat EU-, EER- en Zwitserse burgers die hier vijf jaar of langer rechtmatig verblijf hebben gehad meestal duurzaam verblijfsrecht hebben, terwijl wie minder dan vijf jaar verblijf heeft het verblijfsrecht alleen behoudt bij reëel en daadwerkelijk werk of voldoende eigen middelen om zichzelf te onderhouden
- IND: Independent, sustainable and sufficient income - dat bijstand niet meetelt als zelfstandig inkomen voor de inkomenstoets van de IND, terwijl WW, ziektewetuitkering, arbeidsongeschiktheidsuitkering en AOW wel meetellen
- IND: Becoming a Dutch national through naturalisation - de voorwaarden voor naturalisatie, waaronder de eis om vijf jaar in Nederland te hebben gewoond met een geldige niet-tijdelijke verblijfsvergunning
Bereid je je ook voor op het inburgeringsexamen?
Onze cursussen en gratis oefenmateriaal behandelen elk onderdeel van het examen.
Ontdek de cursussen