Controleer je werkgever, uren en brutoloon vóór je tekent
Controleer vóór je een arbeidsovereenkomst tekent wie je werkgever is, welk contract je krijgt, je gegarandeerde uren en je brutoloon (loon vóór belasting). Vraag onduidelijke afspraken op papier en bewaar je eigen kopie. Een arbeidsovereenkomst kan mondeling zijn, maar sommige bedingen moeten schriftelijk zijn. Een beding is een afspraak in je contract. Je contract legt je arbeidsvoorwaarden vast; je nationaliteit of verblijfsvergunning bepaalt of je het werk mag doen.

Deze gids is voor werknemers in Nederland, ook als je via een uitzendbureau of payrollbedrijf werkt. Je contract, de wet en een eventuele collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) bepalen samen je rechten.
Wat je controleert vóór je tekent
Controleer de afspraken in de tabellen hieronder. Volg daarna deze vier stappen:
- Vergelijk het conceptcontract met het aanbod voor de baan en de afspraken in de tabellen.
- Vraag de werkgever om onduidelijke beloften of correcties schriftelijk te bevestigen.
- Lees de definitieve versie.
- Bewaar je eigen kopie.
Brede tabellen kun je horizontaal scrollen.
| Controleer | Wat duidelijk moet zijn |
|---|---|
| Werkgever en werk | De werkgever met wie je het contract sluit, werkplek of werkplekken, functie, taken en startdatum |
| Contracttype | Vast, tijdelijk, een voorovereenkomst voor oproepwerk, nuluren, min-max, uitzendwerk of payroll. Een min-maxcontract geeft een minimum en maximum aantal uren. Bij een tijdelijk contract: de einddatum of de gebeurtenis waardoor het eindigt. |
| Uren en rooster | Gegarandeerde uren, gewone werkdagen en tijden, oproeptermijn, wijzigingen in diensten en beschikbaarheid. Bij onvoorspelbaar werk: de referentiedagen en -uren. Dat zijn de dagen en tijden waarop je werkgever je mag verplichten te werken. |
| Loon | Bruto uur- of maandloon, betaaldatum, toeslagen, onkosten, betaling of vrije tijd voor overwerk en pensioeninhoudingen |
| Verlof | Vakantiegeld, wettelijke en extra vakantie-uren, afspraken over feestdagen en hoe je verlof aanvraagt |
Controleer ook welke afspraken je loon kunnen veranderen of je baan kunnen beëindigen.
Brede tabellen kun je horizontaal scrollen.
| Controleer | Wat duidelijk moet zijn |
|---|---|
| CAO | De volledige naam van de CAO, je loonschaal en welke versie geldt |
| Proeftijd en einde | Proeftijd, opzegtermijnen, een eventueel tussentijds opzegbeding, vaste einddatum en aanzegplicht. Een tussentijds opzegbeding moet beide partijen het recht geven om een tijdelijk contract vóór de einddatum op te zeggen. De aanzegplicht gaat over het vooraf melden van verlenging of het einde. |
| Ziekte | Hoe je je ziek meldt, welk deel van je loon je krijgt, wachtdagen en contact met de arbodienst of bedrijfsarts |
| Opleiding en kosten | Verplichte opleiding, terugbetaling van studiekosten, reizen en werkgereedschap |
| Beperkingen | Een concurrentiebeding beperkt werk voor concurrenten. Een relatiebeding beperkt contact met vroegere klanten en zakelijke relaties. Controleer ook een nevenwerkzaamhedenbeding (beperking van werk naast je baan), geheimhouding, intellectueel eigendom (rechten op creatief werk en uitvindingen), eenzijdige wijziging (wijziging door de werkgever zonder je instemming) en boetes. |
Als je gewend bent dat alleen een ondertekend contract telt, let dan op: in Nederland kan een arbeidsovereenkomst ook mondeling zijn. Vraag om een schriftelijke bevestiging en bewaar bewijs van je afspraken. Een schriftelijk contract helpt bewijzen wat je hebt afgesproken. Sommige bedingen, zoals een proeftijd of concurrentiebeding, moeten schriftelijk zijn. Bewaar het aanbod, berichten, roosters, je urenregistratie, loonstroken en bankbetalingen. Vraag de werkgever om ontbrekende afspraken te bevestigen.
Welke informatie je werkgever moet geven
Je werkgever moet de eerste groep afspraken binnen 1 week na je start schriftelijk geven. Voor de tweede groep is de termijn 1 maand. Eindigt je contract eerder, dan moet je die informatie uiterlijk bij het einde krijgen. De werkgever kan de informatie in je contract zetten of apart geven. Rijksoverheid (Externe website, opent in een nieuw tabblad) noemt de verplichte gegevens.
Brede tabellen kun je horizontaal scrollen.
| Termijn na je start | Welke informatie je moet krijgen |
|---|---|
| Binnen 1 week | Namen en adressen, werkplek, functie of soort werk, startdatum, vaste duur, brutoloon en betaalmoment, gewone uren en een eventuele proeftijd. Bij voorspelbaar werk: ook afspraken over overwerk en wijzigingen in diensten. Bij onvoorspelbaar werk: ook het wisselende werkpatroon, gegarandeerde betaalde uren, referentiedagen en -uren en de oproeptermijn. |
| Binnen 1 maand, of uiterlijk bij het einde als het contract eerder eindigt | Vakantiegeld en vakantie, ander betaald verlof, opzegtermijn, ontslagprocedure en contracttype. Waar relevant: pensioen, CAO, opleiding en een concurrentie- of relatiebeding. |
Je werkgever mag de informatie op papier geven. De werkgever mag de informatie alleen elektronisch geven als je daar uitdrukkelijk mee instemt. Je moet de informatie kunnen openen, bewaren en afdrukken. De werkgever moet bewijs bewaren dat de informatie is gegeven of ontvangen. Je wettelijke rechten blijven gelden als het document onvolledig is. Vraag correcties schriftelijk, zodat je bewijs hebt als de werkgever een belofte betwist.
Welke soorten arbeidscontracten er zijn
Het contracttype bepaalt wanneer je contract eindigt en hoeveel uren je gegarandeerd krijgt. Hieronder staan de belangrijkste soorten.
Brede tabellen kun je horizontaal scrollen.
| Contracttype | Wat het nu betekent |
|---|---|
| Vast contract | Heeft geen einddatum. Je werkgever heeft normaal je instemming, toestemming van UWV (Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen) (Externe website, opent in een nieuw tabblad) of een beslissing van de rechter nodig om het te beëindigen. |
| Tijdelijk contract | Eindigt op de afgesproken datum of bij de afgesproken gebeurtenis. Voor eerder opzeggen is normaal een schriftelijk tussentijds opzegbeding nodig. De ketenregeling en aanzegplicht kunnen gelden. |
| Voorovereenkomst | Je mag een oproep aannemen of weigeren. Bij elke oproep die je aanneemt, ontstaat een tijdelijk arbeidscontract voor die werkperiode. |
| Nulurencontract | Je hebt een arbeidscontract, maar geen vast aantal uren. De huidige bescherming voor oproepkrachten geldt. Je recht op loon hangt af van de afspraak over niet-gewerkte uren, hoelang je in dienst bent en waarom er geen werk was. |
| Min-maxcontract | Je minimumuren en het loon daarvoor zijn gegarandeerd. Je moet normaal tot het afgesproken maximum werken als je werkgever je oproept binnen de afgesproken dagen en tijden en de vereiste oproeptermijn volgt. |
| Uitzendovereenkomst | Het uitzendbureau is je werkgever. De inlener (het bedrijf waar je werkt) geeft leiding aan je werk. De CAO, je uitzendfase en een eventueel uitzendbeding bepalen hoe gemakkelijk de opdracht of het contract eindigt. |
| Payrollovereenkomst | Een payrollbedrijf is je formele werkgever. De inlener heeft je geselecteerd en geeft leiding aan je werk. Je hebt dezelfde arbeidsvoorwaarden en rechtspositie als vergelijkbare werknemers van de inlener. Voor een adequaat pensioen gelden aparte regels. |
Wanneer tijdelijke contracten een vast contract worden
Je vierde opeenvolgende tijdelijke contract is normaal een vast contract. Opeenvolgende tijdelijke contracten worden normaal ook vast als ze samen langer dan 3 jaar duren. Tussenpozen van 6 maanden of korter tellen mee in deze keten. Vergelijkbaar werk bij een opvolgend werkgever kan ook meetellen. Dat hangt af van de situatie.
Contracten voor de BBL (beroepsbegeleidende leerweg, waarbij je werkt en een beroepsopleiding volgt) tellen niet mee. Dat geldt ook voor werknemers jonger dan 18 jaar die gemiddeld hoogstens 12 uur per week werken. Een CAO kan de tussenpoos verkorten tot 3 maanden voor terugkerend werk dat maximaal 9 maanden per jaar wordt gedaan.
Bij uitzendwerk kan een CAO de keten verruimen tot maximaal 6 contracten in 4 jaar. Dat kan ook bij werk dat door zijn aard tijdelijke contracten nodig heeft. Voor sommige opleidingscontracten, bestuurders, vervanging bij ziekte op scholen en aangewezen functies of sectoren gelden aparte uitzonderingen. Controleer de huidige ketenregeling (Externe website, opent in een nieuw tabblad) en de CAO die voor je geldt.
Wijzigingen voor flexwerk van 2026 tot 2028
De huidige keten- en oproepregels blijven gelden tot en met 31 december 2027. De Wet meer zekerheid flexwerkers is aangenomen. Het besluit over de ingangsdata (Externe website, opent in een nieuw tabblad) bepaalt wanneer de wijzigingen hieronder ingaan.
Brede tabellen kun je horizontaal scrollen.
| Ingangsdatum | Wijziging |
|---|---|
| 31 december 2026 | Uitzendkrachten krijgen volgens de nieuwe wet gelijke of ten minste gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden. Een CAO kan die rechten al eerder geven. |
| 1 januari 2027 | Verschillende andere wijzigingen gaan in onder de Waadi (Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs, over het ter beschikking stellen van werknemers via tussenpersonen). |
| 1 januari 2028 | De ketenonderbreking wordt meestal 36 maanden. De wet vervangt de meeste gewone nuluren- en min-maxcontracten door bandbreedtecontracten, met een minimum en maximum aantal uren. Het maximum is meestal hoogstens 130% van het minimum. Uitzendfasen worden korter. |
Leerlingen en studenten die aan de voorwaarden voldoen en gemiddeld hoogstens 16 uur per week werken, houden een ketenonderbreking van 6 maanden. Voor tijdelijke contracten die vóór 1 januari 2028 zijn gesloten, blijft de bestaande tussenpoos van 6 maanden gelden. Sommige bestaande CAO-uitzonderingen blijven gelden voor contracten die daar bij de wetswijziging al onder vallen. Het gaat om meer contracten, een langere duur of andere regels voor opvolgende werkgevers. Deze overgangsregel eindigt zodra de CAO afloopt of 12 maanden na de wijziging, als dat eerder is. Er zijn ook andere uitzonderingen en overgangsregels. Controleer de wet opnieuw als je contract na een van deze data doorloopt.
Je rechten als oproepkracht
Vergelijk deze vijf rechten met je contract en CAO:
- Een oproep moet normaal minstens 4 kalenderdagen vóór het werk schriftelijk of elektronisch komen. Een CAO kan die termijn meestal verkorten tot minimaal 24 uur. De seizoensuitzondering hieronder kan dit recht wegnemen.
- Zegt de werkgever de oproep af of wijzigt die de tijden binnen de oproeptermijn? Dan houd je recht op loon voor de oorspronkelijke uren. De seizoensuitzondering hieronder kan dit recht wegnemen.
- Heb je geen vast aantal uren, of minder dan 15 uur per week zonder vaste tijden? Dan krijg je per oproep normaal minstens 3 uur betaald.
- Na 12 maanden moet je werkgever normaal vaste uren aanbieden op basis van je gemiddelde over dat jaar. Het aanbod moet binnen 1 maand na dat jaar komen. De seizoensuitzondering hieronder kan deze plicht wegnemen.
- Bij een min-maxcontract krijg je loon voor het gegarandeerde minimum, ook als je werkgever je niet oproept.
Je mag het aanbod voor vaste uren weigeren. Blijf je oproepkracht, dan moet de werkgever normaal na elke volgende 12 maanden opnieuw een aanbod doen. De seizoensuitzondering kan ook deze plicht wegnemen.
De regels voor seizoenswerk (Externe website, opent in een nieuw tabblad) geven een uitzondering voor aangewezen functies. Een CAO kan daarvoor de oproeptermijn, het loon bij afzegging en het vaste-urenaanbod uitsluiten. Door het klimaat of natuurlijke omstandigheden mag het werk maximaal 9 maanden per jaar mogelijk zijn. Dezelfde werknemer moet het werk ook niet langer dan 9 maanden per jaar achter elkaar kunnen doen. Bij een nulurencontract voor zo’n functie blijft je opzegtermijn 4 dagen.
Bij een nulurencontract kan een schriftelijk beding loon uitsluiten voor niet-gewerkte uren in de eerste 6 maanden. Een CAO mag die periode alleen verlengen voor aangewezen werk dat af en toe voorkomt en geen vaste omvang heeft. Daarna moet de werkgever normaal loon betalen als er geen werk is door een oorzaak die voor rekening van de werkgever komt.
Werk je 3 maanden volgens een vast patroon? Dan kun je een beroep doen op het rechtsvermoeden van arbeidsomvang. Dat betekent dat je het gemiddelde over die 3 maanden als je aantal werkuren kunt aanvoeren. Vraag de werkgever om uren op basis van dat gemiddelde. De werkgever kan met bewijs laten zien dat het vermoeden niet klopt.
Uitzendcontracten en payrollcontracten
Bij uitzendwerk is het uitzendbureau je werkgever. De inlener, het bedrijf waar je werkt, geeft leiding aan je werk. De huidige wet geeft recht op gelijke behandeling voor loon, vergoedingen, werk- en rusttijden, overwerk en vakantie. Het bureau mag je geen bemiddelingskosten laten betalen. Het moet je vóór je start schriftelijke informatie over de werkplek geven.
Vraag het bureau welke CAO geldt en in welke uitzendfase je zit. Vraag ook of je contract een uitzendbeding heeft: een afspraak die bepaalt wanneer het contract kan eindigen. Controleer wat het beding zegt over het einde van het contract en ziekte. De CAO van de ABU (Algemene Bond Uitzendondernemingen) geldt niet automatisch voor elk uitzendbureau.
Als de ABU-CAO 2026–2028 geldt, heb je al vanaf 1 januari 2026 recht op gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden. Losse afspraken kunnen verschillen. Zowel de belangrijkste voorwaarden, zoals loon en werktijd, als het totale pakket moeten minstens gelijkwaardig zijn. Wordt een belangrijke arbeidsvoorwaarde minder gunstig? Dan moet een andere belangrijke arbeidsvoorwaarde dat compenseren. Vraag het bureau om de voorwaarden van de inlener en hoe het deze heeft vergeleken.
Bij payroll heeft de inlener je meestal geworven en geeft die leiding aan je werk. Het payrollbedrijf is je formele werkgever. Je hebt minstens dezelfde arbeidsvoorwaarden en rechtspositie als vergelijkbare werknemers van de inlener. Voor een adequaat pensioen gelden aparte regels. Uitzendfasen en een uitzendbeding gelden niet. Stopt de inlener de overeenkomst met het payrollbedrijf, dan is dat op zichzelf geen reden om je te ontslaan.
Welke CAO en bedingen voor je gelden
Een CAO kan gelden door een bedrijfs-CAO, door het lidmaatschap van je werkgever bij een werkgeversvereniging of door een beding in je contract. De overheid kan een CAO ook algemeen verbindend verklaren. Controleer voor welke werkgevers en werknemers de CAO geldt, de looptijd en de volledige tekst.
Dwingend recht gaat voor. Dit zijn wettelijke regels waarvan je niet mag afwijken, behalve waar de wet uitdrukkelijk een andere CAO-regel toestaat. Een minimum-CAO laat betere individuele afspraken toe. Bij een standaard-CAO mag je alleen afwijken als die CAO dat toestaat. Botst je contract met een CAO die voor je geldt, dan gaat de CAO-afspraak normaal voor.
Hoe lang een proeftijd mag duren
Een proeftijd moet schriftelijk zijn afgesproken of uit de CAO volgen. De proeftijd moet voor jou en je werkgever even lang zijn. Bij een tijdelijk contract van 6 maanden of korter mag je geen proeftijd hebben. Bij de andere contracten hieronder is het gebruikelijke maximum 1 of 2 maanden.
Brede tabellen kun je horizontaal scrollen.
| Contract | Maximale proeftijd |
|---|---|
| Tijdelijk contract van 6 maanden of korter | Geen |
| Tijdelijk contract langer dan 6 maanden, maar korter dan 2 jaar | 1 maand |
| Tijdelijk contract zonder vaste kalender-einddatum | 1 maand |
| Tijdelijk contract van minstens 2 jaar of een vast contract | 2 maanden |
Een CAO mag voor tijdelijke contracten een andere regel geven, maar de proeftijd mag nooit langer zijn dan 2 maanden. Een nieuwe proeftijd is normaal ongeldig bij verlenging of bij de overstap van een tijdelijk naar een vast contract. Dat geldt ook bij een opvolgend werkgever als je taken hetzelfde blijven. Alleen werk dat duidelijk andere vaardigheden of verantwoordelijkheden vraagt, kan een nieuwe proeftijd rechtvaardigen.
Tijdens een geldige proeftijd kunnen jij en je werkgever het contract direct beëindigen. Vraag je om een reden, dan moet de werkgever die schriftelijk geven. Je werkgever mag je ook tijdens de proeftijd niet om een discriminerende reden ontslaan.
Bedingen die je werk beperken of kosten opleggen
Een concurrentiebeding en een boetebeding moeten schriftelijk zijn. Vraag vóór je akkoord gaat wat elke beperking hieronder betekent voor je baan en voor werk dat je al doet.
Brede tabellen kun je horizontaal scrollen.
| Beding | Wat je moet controleren |
|---|---|
| Concurrentiebeding of relatiebeding | Je moet minstens 18 jaar zijn en schriftelijk akkoord gaan. Bij een tijdelijk contract moet het contract zelf een zwaarwegend bedrijfs- of dienstbelang uitleggen dat het beding rechtvaardigt. Een rechter kan een onredelijk beding vernietigen of beperken, of schorsen zolang de zaak loopt. Voor een relatiebeding gelden dezelfde regels. |
| Eenzijdige wijziging | Je werkgever mag een schriftelijk wijzigingsbeding alleen gebruiken bij een zwaarwichtig belang. Volgens de toets van redelijkheid en billijkheid moet dat belang zwaarder wegen dan je belang om de afspraak te behouden. |
| Boetebeding | Het beding moet schriftelijk zijn en de overtreden regel en de boete noemen. Wettelijke regels beperken het bedrag en wie het geld krijgt. Voor werknemers boven het minimumloon zijn schriftelijke uitzonderingen mogelijk. De rechter kan een te hoge boete verlagen. Vraag advies vóór je een hoge of herhaalde boete accepteert. |
| Geheimhouding | Controleer welke informatie geheim is, hoelang dat geldt en wat de gevolgen van een overtreding zijn. Een overtreding rechtvaardigt niet automatisch ontslag op staande voet. |
| Intellectueel eigendom | Auteursrecht op werk dat je voor de werkgever maakt, ligt meestal bij de werkgever, tenzij je iets anders afspreekt. Octrooirechten kunnen ook bij de werkgever liggen als uitvinden bij je functie hoort, tenzij je iets anders afspreekt. Controleer schriftelijke afspraken, eerder gemaakt werk en projecten naast je baan. |
Opleidingskosten en werk naast je baan
Opleiding die je werkgever volgens de wet of CAO moet aanbieden, moet gratis zijn. Dat geldt ook voor opleiding die nodig is om je werk te doen of te blijven doen. De opleiding telt als werktijd en moet zo mogelijk tijdens je ingeroosterde werktijd plaatsvinden. Een beding om deze opleidingskosten terug te betalen is ongeldig.
Soms moet je volgens de wet al een diploma of certificaat hebben als je in de functie begint. De opleiding daarvoor valt meestal buiten deze regel. De omstandigheden kunnen verschil maken. Voor andere studie kunnen terugbetalingsafspraken gelden. Vraag welke regel voor de opleiding geldt. Vraag om duidelijke terugbetalingsafspraken en laat die controleren vóór je tekent.
Voor sommige huishoudelijke werknemers geldt een uitzondering op de regels voor gratis opleiding en werktijd. De uitzondering geldt als je meestal minder dan 4 dagen per week voor een particulier werkt. Het werk moet daarbij volledig of bijna volledig bestaan uit diensten voor het huishouden van die werkgever. Zorg voor leden van het huishouden telt ook mee. De algemene plicht van de werkgever om noodzakelijke opleiding mogelijk te maken, blijft gelden.
Een nevenwerkzaamhedenbeding beperkt werk naast je baan. Je werkgever heeft een objectieve reden nodig als die het beding toepast en moet die reden dan uitleggen. De reden hoeft niet vooraf in je contract te staan.
Loon, werktijden, vakantie en ziekte
Ze gelden tenzij een genoemde uitzondering voor je werk geldt. Je contract of CAO kan meer loon of verlof geven.
Brede tabellen kun je horizontaal scrollen.
| Onderwerp | Huidige wettelijke regels |
|---|---|
| Minimumloon | Vanaf 1 juli 2026 moet je als werknemer van 21 jaar of ouder minstens € 14,99 bruto per uur krijgen. Voor werknemers van 15 tot en met 20 jaar gelden lagere wettelijke jeugdlonen. Controleer het bedrag opnieuw in januari en juli. |
| Vakantiegeld | Normaal minstens 8% van je brutoloon, inclusief relevant overwerk. Een CAO mag alleen geen apart vakantiegeld geven als het loon minstens 108% van het minimumloon is. Verdien je meer dan 3 keer het minimumloon, dan kun je schriftelijk een lager percentage of geen vakantiegeld afspreken. |
| Betaalde vakantie | Per jaar minstens 4 keer je wekelijkse werkuren. Je werkgever moet je vakantieaanvraag normaal goedkeuren. Een zwaarwegend bedrijfsbelang of collectieve vakantie kan reden zijn om de data te weigeren. De werkgever moet binnen 2 weken schriftelijk bezwaar maken. Wettelijke vakantie-uren vervallen normaal 6 maanden na het jaar waarin je ze opbouwde. Er zijn uitzonderingen als je ze redelijkerwijs niet kon opnemen. Een CAO of schriftelijke afspraak kan een langere termijn geven. Bovenwettelijke uren verjaren normaal na 5 jaar. |
| Rooster en overwerk | Voor de meeste volwassenen geldt maximaal 12 uur per dag en 60 uur per week. Dat mag niet elke week: het gemiddelde is hoogstens 55 uur over 4 weken en 48 uur over 16 weken. Voor een nachtdienst is het maximum normaal 10 uur. Voor sommige werkzaamheden en werknemers gelden andere regels. De wet bepaalt geen overwerktoeslag. Je contract of CAO moet zeggen of extra werk wordt betaald of vrije tijd oplevert. |
| Ziekte | Je werkgever moet normaal minstens 70% van je gewone loon betalen, maximaal 2 jaar. In het eerste jaar moet je loon bij ziekte minstens het minimumloon zijn. In het tweede jaar mag dat lager zijn. Je CAO of contract kan meer geven. 1 of 2 wachtdagen gelden alleen als het contract of de CAO dat bepaalt. Eindigt je tijdelijke contract terwijl je ziek bent, dan stopt de betaling door de werkgever normaal en kan UWV overnemen. Bij oproep- en uitzendwerk hangt het af van je lopende contract en de voorwaarden. |
| Loonstrook | Vergelijk uren, brutoloon, toeslagen, vakantiegeld, inhoudingen en nettobetaling met je contract, CAO en eigen urenregistratie. |
Wat je krijgt voor 20 uur tegen het minimumloon
Een voorbeeld: in oktober 2026 werkt een werknemer van 21 jaar of ouder 20 uur tegen het minimumloon van € 14,99. Het brutoloon voor die uren is 20 × € 14,99 = € 299,80, vóór belasting en inhoudingen. Bij 8% komt daar na afronding € 23,98 vakantiegeld bij. De werkgever kan het vakantiegeld apart van het gewone loon betalen.
De gids over je Nederlandse loonstrook legt de inhoudingen en je jaaropgaaf uit. Voor ziekmelden, re-integratie, het aflopen van een tijdelijk contract en privacy van medische informatie lees je de gids over ziekteverlof.
Heb je vragen over toeslagen naast je loon? Lees het overzicht van toeslagen.
Wanneer je in Nederland mag werken
Burgers van de EU (Europese Unie), EER (Europese Economische Ruimte) en Zwitserland mogen in het algemeen werken zonder Nederlandse werk- of verblijfsvergunning. Bij andere nationaliteiten kan je werkgever een TWV (tewerkstellingsvergunning) nodig hebben. Je kunt ook een GVVA (gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid) nodig hebben. Je verblijfsvergunning kan eigen voorwaarden voor werk hebben.
Een getekend contract vervangt de toestemming om te werken niet. Controleer het besluit van de IND (Immigratie- en Naturalisatiedienst) (Externe website, opent in een nieuw tabblad) vóór je begint of van werkgever wisselt. De gids over arbeidsrechten hieronder legt uit hoe je je vergunning leest.
Hoe je arbeidscontract kan eindigen
De regels hangen af van wie het contract beëindigt en waarom. Voor een proeftijd, een afgesproken einddatum of een beëindigingsovereenkomst gelden andere regels dan voor ontslag door de werkgever.
Brede tabellen kun je horizontaal scrollen.
| Situatie | Huidige route |
|---|---|
| Je tijdelijke contract bereikt het afgesproken einde | Het contract eindigt normaal automatisch. De werkgever kan een aparte schriftelijke aanzegplicht hebben. Eerder opzeggen kan normaal alleen met een schriftelijk tussentijds opzegbeding. |
| Je zegt je vaste contract op | De wettelijke opzegtermijn is normaal 1 maand en eindigt meestal aan het einde van de maand. Controleer je CAO en contract vóór je opzegt. |
| Je werkgever noemt bedrijfseconomische redenen of langdurige ziekte | De werkgever heeft normaal toestemming van UWV nodig vóór het opzeggen. Bij een tijdelijk contract zonder tussentijds opzegbeding moet de werkgever in plaats daarvan naar de rechter. |
| Je werkgever noemt functioneren, gedrag, een verstoorde werkrelatie of een andere persoonlijke reden | De werkgever vraagt normaal aan de kantonrechter om je contract te ontbinden. |
| Er geldt een geldige proeftijd | Jij en je werkgever kunnen direct beëindigen zonder opzegtermijn. Wie het contract beëindigt, moet op verzoek van de ander schriftelijk de reden geven. Je werkgever mag je ook tijdens de proeftijd niet om een discriminerende reden ontslaan. |
| Ontslag op staande voet | Er moet een dringende reden zijn. De werkgever moet direct handelen en de reden direct meedelen. Vraag meteen advies: de termijn om naar de rechter te gaan is normaal 2 maanden. |
| Vaststellingsovereenkomst (schriftelijke afspraak om het contract te beëindigen) | Je kiest zelf of je tekent. De overeenkomst moet schriftelijk zijn. Spreek de einddatum af en controleer vóór je tekent de vergoeding, vrijstelling van werk en ongebruikte vakantie-uren. Een zin in de overeenkomst garandeert geen werkloosheidsuitkering. |
Opzegtermijnen voor jou en je werkgever
Je wettelijke opzegtermijn is normaal 1 maand. Een schriftelijk contract kan die verlengen tot maximaal 6 maanden. De termijn van je werkgever moet dan normaal minstens twee keer zo lang zijn. Bij een nulurencontract is je opzegtermijn normaal 4 dagen, of de kortere oproeptermijn uit je CAO. Is je nulurencontract tijdelijk? Dan heb je voor eerder opzeggen ook een schriftelijk tussentijds opzegbeding nodig. Bij een nulurencontract voor een aangewezen seizoensfunctie blijft je opzegtermijn 4 dagen.
De gewone wettelijke opzegtermijn van de werkgever loopt op met je dienstjaren, van 1 tot 4 maanden:
Brede tabellen kun je horizontaal scrollen.
| Aantal dienstjaren | Opzegtermijn van de werkgever |
|---|---|
| Minder dan 5 jaar | 1 maand |
| 5 tot minder dan 10 jaar | 2 maanden |
| 10 tot minder dan 15 jaar | 3 maanden |
| Minstens 15 jaar | 4 maanden |
Een CAO kan toegestane afwijkingen bevatten. Na de AOW-leeftijd (Algemene Ouderdomswet, het staatspensioen) is de opzegtermijn van de werkgever 1 maand. Soms mag de werkgever de duur van de procedure aftrekken. Er moet minstens 1 maand opzegtermijn overblijven.
Tussentijds opzeggen en aanzeggen
Als je gewend bent dat je elke baan na een opzegtermijn kunt verlaten, controleer bij een tijdelijk contract eerst het tussentijds opzegbeding. Zonder dat schriftelijke beding kun je het contract normaal niet vóór de einddatum opzeggen. De aanzegplicht gaat juist over verlenging. Bij een contract van minstens 6 maanden met een vaste einddatum moet de werkgever minstens 1 maand vooraf schriftelijk zeggen of het contract doorgaat en onder welke voorwaarden.
De aanzegplicht geldt niet voor contracten korter dan 6 maanden of zonder vaste einddatum, zoals sommige projectcontracten. De plicht geldt ook niet bij een uitzendcontract dat eindigt door een uitzendbeding. Zonder aanzegging kun je maximaal 1 maand brutoloon krijgen. Bij een te late aanzegging krijg je een evenredig deel. De werkgever hoeft geen aanzegvergoeding te betalen bij een uitgesproken faillissement, verleende surseance van betaling (uitstel van betaling) of toelating tot de wettelijke schuldsanering.
Bedenktijd na een beëindigingsovereenkomst
Je kiest zelf of je een beëindigingsovereenkomst tekent. Daarna kun je de overeenkomst binnen 14 dagen schriftelijk herroepen (terugdraaien), zonder reden. Noemt de overeenkomst dat recht niet, dan heb je 21 dagen. Laat het document controleren vóór je beslist. Het initiatief van de werkgever, de wettelijke opzegtermijn en de einddatum kunnen je werkloosheidsuitkering beïnvloeden. Bij wederzijds goedvinden krijg je niet automatisch een wettelijke transitievergoeding. Onderhandel daarom uitdrukkelijk over een vergoeding. Teken je met dezelfde werkgever binnen 6 maanden na het herroepen opnieuw een beëindigingsovereenkomst? Dan krijg je geen nieuwe bedenktijd.
Transitievergoeding als je werkgever het contract beëindigt
Als je werkgever je ontslaat of je contract niet verlengt, bouw je normaal vanaf je eerste dag een transitievergoeding op. De vergoeding is een derde van je bruto maandloon per dienstjaar, plus een evenredig bedrag voor de resterende tijd. In 2026 is het maximum € 102.000 bruto, of 1 bruto jaarsalaris als dat hoger is. Vakantiegeld en relevante extra beloningen tellen mee in de berekening.
Er gelden uitzonderingen. Je krijgt bijvoorbeeld geen vergoeding bij ontslag door ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer. Dat betekent dat de werknemer ernstige schuld heeft aan wat die heeft gedaan of nagelaten. Andere uitzonderingen gelden voor werknemers jonger dan 18 jaar die gemiddeld hoogstens 12 uur per week werken, insolventie van de werkgever (de werkgever kan zijn schulden niet betalen) en het bereiken van de toepasselijke pensioenleeftijd. Sommige aanbiedingen voor een vervangend contract nemen het recht ook weg. Bij bedrijfseconomisch ontslag kan een CAO de vergoeding vervangen door een andere voorziening. Bij wederzijds goedvinden krijg je geen automatische wettelijke vergoeding; spreek die uitdrukkelijk af.
Termijnen om naar de rechter te gaan
Gebruik de termijn voor je eigen vordering. De werkgever vragen om opnieuw te kijken is geen vervanging voor een verzoek bij de rechter.
Brede tabellen kun je horizontaal scrollen.
| Vordering of stap | Termijn die je moet bewaken |
|---|---|
| Een geëindigd contract aanvechten, ook bij ontslag op staande voet | Dien normaal binnen 2 maanden na het einde van het contract een verzoek bij de kantonrechter in. |
| Alleen de aanzegvergoeding vragen | Dien binnen 2 maanden na het einde van het tijdelijke contract een verzoek in. |
| Alleen de transitievergoeding vragen | Dien binnen 3 maanden na het einde van het contract een verzoek in. |
| Een getekende beëindigingsovereenkomst herroepen | Doe dit schriftelijk binnen 14 dagen, of binnen 21 dagen als de overeenkomst de bedenktijd niet noemt. |
| Achterstallig loon of vakantiegeld | Meestal 5 jaar vanaf de datum waarop elke betaling verschuldigd was. Vraag een juridisch adviseur hoe je de termijn bewaakt of onderbreekt. |
Waar je hulp krijgt bij contractproblemen
Kies de route die bij je probleem past. Bewaar je contract en betaalbewijzen, zodat een adviseur de betwiste afspraken kan controleren.
Brede tabellen kun je horizontaal scrollen.
| Probleem | Eerste stap | Waar je daarna terechtkunt |
|---|---|---|
| Ontbrekende afspraken, verkeerde uren of onbetaald contractueel loon | Schrijf je werkgever of de personeelsafdeling. Noem het beding, bedrag en de data en voeg bewijs toe. | Vakbond, rechtsbijstandsverzekeraar, Het Juridisch Loket (Externe website, opent in een nieuw tabblad), advocaat of kantonrechter |
| De CAO wordt niet gevolgd of er is een geschil over de uitleg | Noem bij je werkgever het precieze CAO-artikel. | CAO-partijen, vakbond, geschillencommissie van de sector, Het Juridisch Loket of juridisch adviseur. Het ministerie beslist geen CAO-geschillen. |
| Minder dan het minimumloon of minimumvakantiegeld, te lange werktijden, onveilig of illegaal werk | Bewaar contracten, roosters, urenregistratie, loonstroken en bankafschriften. | Nederlandse Arbeidsinspectie (Externe website, opent in een nieuw tabblad). Bel 112 bij direct gevaar. |
| Druk om te tekenen, ontslag op staande voet of een naderende einddatum | Wacht niet op een intern antwoord als je een termijn moet bewaken. | Vakbond, Het Juridisch Loket of arbeidsrechtadviseur. Rechtspraak: ontslagprocedure voor werknemers (Externe website, opent in een nieuw tabblad) legt uit hoe je een verzoek indient. |
| Dreiging om een concurrentie- of relatiebeding te gebruiken | Vraag snel juridisch advies als je een spoedbeslissing van de rechter nodig hebt. | Vakbond, Het Juridisch Loket of arbeidsrechtadviseur; Rechtspraak: spoedprocedure over een concurrentiebeding (Externe website, opent in een nieuw tabblad) |
| Dwang, ingenomen paspoort, bedreiging of arbeidsuitbuiting | Ga naar een veilige plek. Bewaar bewijs alleen als dat veilig kan. | Nederlandse Arbeidsinspectie. Bel 112 bij acuut gevaar. |
Bewaar het getekende contract en de juiste CAO-versie, wijzigingen, roosters, urenregistratie, loonstroken, bankafschriften, e-mails en brieven. Noteer wanneer je elk document kreeg. Betwist je werkgever een mondelinge belofte? Dan kan bewijs van hoe jullie in de praktijk hebben gewerkt belangrijk zijn.
Kies de gids die je volgende vraag beantwoordt:
- Auteur
- Door Inburgering.org team
- Reviewer
- Gereviewd door Kirill Svavolia
Officiële bronnen
- Rijksoverheid: wat staat er in een arbeidsovereenkomst? (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Mondelinge en schriftelijke arbeidsovereenkomsten en de informatie die de werkgever binnen 1 week en binnen 1 maand schriftelijk moet geven.
- Business.gov.nl: arbeidsovereenkomst (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De uitgebreide informatieplicht bij voorspelbaar en onvoorspelbaar werk, en afspraken over verlof, ontslag, opleiding en nevenwerk.
- Rijksoverheid: wanneer wordt een tijdelijk contract een vast contract? (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De huidige ketenregeling, tussenpozen, opvolgende werkgevers, afwijkingen in de CAO en wettelijke uitzonderingen.
- Staatsblad (officiële publicatie van wetten en besluiten) 2026, 205: Wet meer zekerheid flexwerkers (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De vastgestelde wet over de toekomstige ketenonderbreking van 36 maanden, bandbreedtecontracten, uitzendcontracten en gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden.
- Staatsblad 2026, 206: besluit over de ingangsdata (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De ingangsdata van 31 december 2026, 1 januari 2027 en 1 januari 2028.
- Rijksoverheid: soorten oproepcontracten (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Voorovereenkomsten, nuluren- en min-maxcontracten, oproeptermijnen, minimale betaling per oproep en het aanbod van vaste uren na 12 maanden.
- Rijksoverheid: recht op vaste arbeidsuren (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Het rechtsvermoeden op basis van het gemiddelde aantal gewerkte uren over 3 maanden.
- Rijksoverheid: arbeidsvoorwaarden voor uitzendkrachten (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Het uitzendbureau als werkgever, gelijke behandeling, het verbod op bemiddelingskosten en schriftelijke informatie over de werkplek.
- ABU: CAO voor uitzendkrachten 2026–2028 (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De Engelse tekst van mei 2026, met gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden vanaf 1 januari 2026 als deze CAO geldt.
- Business.gov.nl: werken via een payrollbedrijf (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Payrollwerk, gelijke arbeidsvoorwaarden en rechtspositie, pensioen en bescherming bij ontslag.
- Business.gov.nl: collectieve arbeidsovereenkomsten (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Minimum- en standaard-CAO’s, algemeen verbindende afspraken en voorrang op strijdige individuele afspraken.
- Rijksoverheid: welke CAO geldt voor mij? (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Hoe een bedrijfs-CAO, het lidmaatschap van de werkgever en een algemeenverbindendverklaring bepalen welke CAO geldt.
- Business.gov.nl: proeftijd (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De schriftelijke vorm, maximale duur, gelijke duur voor beide partijen en beperkingen bij een nieuwe proeftijd.
- Business.gov.nl: concurrentiebeding (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Schriftelijke instemming, de leeftijdsgrens en het vereiste zwaarwegende belang bij een tijdelijk contract, ook voor een relatiebeding.
- Rijksoverheid: huidige regels voor het concurrentiebeding (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De huidige regels en de geplande hervorming die nog geen wet is.
- Parlementair stuk: verplichte opleiding volgens artikel 7:611a van het Burgerlijk Wetboek (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De opleidingsplicht van de werkgever en de uitzondering voor beroepskwalificaties die je bij het begin al moet hebben.
- Staatsblad 1998, 107: artikel 7:613 van het Burgerlijk Wetboek (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De wettelijke belangenafweging bij een schriftelijk eenzijdig wijzigingsbeding en wijzigingen in de regels voor boetebedingen.
- Staatsblad 1996, 406: artikel 7:650 van het Burgerlijk Wetboek (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De regels voor de schriftelijke vorm, bestemming, bovengrens en rechterlijke matiging van boetes voor werknemers, samen met de wijzigingen uit 1998.
- Business.gov.nl: auteursrecht (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Bij wie het auteursrecht normaal ligt als een werknemer werk voor de werkgever maakt.
- Government.nl: bedragen van het minimumloon (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Het minimumuurloon van € 14,99 voor werknemers van 21 jaar en ouder vanaf 1 juli 2026 en de jeugdlonen.
- Business.gov.nl: vakantiegeld (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De regel van 8%, uitzonderingen via de CAO en bij hoge inkomens, het betaalmoment en de vorderingstermijn van 5 jaar.
- Business.gov.nl: recht op vakantie (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Het wettelijke minimum aan vakantie-uren, vervaltermijnen en uitbetaling bij het einde van het dienstverband.
- Rijksoverheid: vakantie aanvragen (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Goedkeuring van vakantieaanvragen, de bezwaartermijn van 2 weken en langere bescherming als vakantie opnemen niet mogelijk was.
- Business.gov.nl: Arbeidstijdenwet (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Maximale en gemiddelde werktijden, bekendmaking van het rooster, rusttijden en het ontbreken van een wettelijke overwerktoeslag.
- Business.gov.nl: loon bij ziekte (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Loondoorbetaling, het maximum van 2 jaar, het einde van een tijdelijk contract en de plichten bij re-integratie.
- Rijksoverheid: wachtdagen bij ziekte (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De regel dat 1 of 2 wachtdagen alleen gelden als het contract of de CAO dat bepaalt.
- Business.gov.nl: opzegtermijn (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Opzegtermijnen voor werknemer en werkgever en het vereiste tussentijdse opzegbeding bij tijdelijke contracten.
- Rijksoverheid: aanzeggen vóór een tijdelijk contract eindigt (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De schriftelijke aanzegplicht van 1 maand, de vergoeding en uitzonderingen.
- Rijksoverheid: routes bij ontslag (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De routes via UWV en de kantonrechter en wat een werknemer na ontslag kan doen.
- Rijksoverheid: ontslag op staande voet (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De dringende reden, directe mededeling en de termijn van 2 maanden om het ontslag aan te vechten.
- Rijksoverheid: ontslag met wederzijds goedvinden (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De schriftelijke overeenkomst en de termijn van 14 of 21 dagen om deze schriftelijk te herroepen.
- Rijksoverheid: hoogte van de transitievergoeding (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Het recht vanaf dag 1, de berekening met een derde maandloon en het maximum in 2026 van € 102.000 of 1 jaarsalaris als dat hoger is.
- Rechtspraak: ontslagprocedure voor werknemers (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De termijnen van 2 maanden voor ontslag en aanzegvergoeding en van 3 maanden voor de transitievergoeding.
- IND: een buitenlandse werknemer in dienst nemen (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Vrij verkeer voor burgers van de EU, EER en Zwitserland en de routes via TWV, GVVA en verblijfsvergunningen voor andere nationaliteiten.
- Nederlandse Arbeidsinspectie: oneerlijk of onveilig werk melden (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Waar je onderbetaling, te lange werktijden, onveilig of illegaal werk en arbeidsuitbuiting kunt melden.
- Rijksoverheid: de werkgever volgt de CAO niet (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Hulp via de werkgever, CAO-partijen, vakbond, Het Juridisch Loket, een juridisch adviseur en de geschillenregeling van de sector.
- Business.gov.nl: salaris en loonstrook (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De verplichte gegevens op een loonstrook en bewijs van betaling.
- Government.nl: minder dan het minimumloon (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Wat je doet bij onderbetaling, melden bij de Arbeidsinspectie en de termijn van 5 jaar voor loon en vakantiegeld.
- Staatsblad 2022, 277: opleiding en nevenwerk (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Verplichte opleiding door de werkgever, ongeldige terugbetalingsbedingen, de reden voor een nevenwerkverbod en termijnen voor schriftelijke informatie.
- Parlementair stuk: redenen om nevenwerk te beperken (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De werkgever moet een beperking onderbouwen wanneer die wordt toegepast; de reden hoeft niet vooraf in het contract te staan.
- Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO): uitvindingen door werknemers (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Schriftelijke afspraken over octrooirechten, de rol van de functieomschrijving en uitvindingen buiten de taken van de werknemer.
- Rijksoverheid: opzegtermijn voor werknemers (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Opzeggen per kalendermaand, schriftelijke verlenging tot 6 maanden en de dubbele termijn voor de werkgever.
- Rijksoverheid: recht op een transitievergoeding (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Uitzonderingen bij gedrag van de werknemer, pensioen, insolventie, vervangende contracten en CAO-afspraken bij bedrijfseconomisch ontslag.
- Rijksoverheid: minimale betaling bij een korte oproep (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De regel van 3 uur loon als je geen vast aantal uren hebt, of als je minder dan 15 uur per week werkt zonder vaste werktijden.
- Staatsblad 2014, 216: regels voor arbeidsovereenkomsten (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Uitzonderingen op de ketenregeling, aanzeggen, herroepen van een beëindigingsovereenkomst en vervaltermijnen bij de rechter; latere wijzigingen gelden voor andere bepalingen.
- UWV: een dienstverband beëindigen (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Beëindigen met wederzijds goedvinden, onderhandelde vergoedingen en opzegtermijnen die invloed hebben op de werkloosheidsuitkering.
- Rechtspraak: spoedprocedure over een concurrentiebeding (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Een spoedprocedure om een concurrentie- of relatiebeding te laten schorsen.
- Het Juridisch Loket: werk en inkomen (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Advies over werk en hulp bij ontslag, contracten en geschillen over loon.
- Rechtspraak: uitspraak over een boetebeding, ECLI:NL:RBOVE:2026:4560 (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De huidige regels voor schriftelijke afspraken en de bestemming van boetes, met toegestane schriftelijke uitzonderingen boven het minimumloon.
- Rechtspraak: uitspraak over een wijzigingsbeding, ECLI:NL:GHARL:2026:771 (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De huidige belangenafweging bij een eenzijdige wijziging volgens artikel 7:613.
- Antwoorden op Kamervragen: ontslag tijdens de proeftijd (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Het verbod op discriminatie blijft gelden tijdens de proeftijd.
- Rijksoverheid: payrollregels voor inleners (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Payrollwerknemers mogen geen uitzendfasecontract of uitzendbeding krijgen.
- Staatsblad 2019, 219: oproep- en payrollregels (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Seizoensuitzonderingen op oproeptermijnen, loon bij afzegging en vaste-urenaanbod, de opzegtermijn van 4 dagen bij seizoenswerk en payrolluitzonderingen.
- Parlementair stuk: toelichting op de hervorming van flexwerk (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Artikel 611a lid 5 beschermt tegen benadeling en wordt vervangen door algemene bescherming; het is niet de opleidingsuitzondering voor huishoudelijk werk.
- Parlementair stuk: elektronische informatie over de arbeidsovereenkomst (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Uitdrukkelijke instemming van de werknemer en toegankelijke informatie die je kunt bewaren, volgens artikel 7:655.
- Rechtspraak: schriftelijk tussentijds opzegbeding, ECLI:NL:RBROT:2022:6577 (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Volgens artikel 7:667 lid 3 moet het recht om een tijdelijk contract tussentijds op te zeggen voor beide partijen schriftelijk zijn afgesproken.