Een werkwoordsvorm voorop: Verwacht wordt dat ... en Werken moet je
Hoe een voltooid deelwoord of infinitief op de eerste zinsplaats kan staan voor een onpersoonlijk bericht of contrasterend onderwerp.
Het Nederlands kan een niet-vervoegde werkwoordsvorm op de eerste zinsplaats zetten: Verwacht wordt dat de wachttijd afneemt. Verwacht hoort bij het passieve gezegde en de persoonsvorm wordt blijft op de tweede plaats.
Hoe kan een deelwoord of infinitief vooraan staan?
Verplaats het gekozen deelwoord, de infinitief of een grotere werkwoordelijke woordgroep naar de eerste zinsplaats. Zet daarna de persoonsvorm van het hulpwerkwoord of modale werkwoord direct achter dat eerste zinsdeel.
- Zoek de niet-vervoegde vorm in de gewone zin: verwacht in Er wordt verwacht dat ... of werken in Je moet werken.
- Kies het werkwoordelijke materiaal dat de eerste zinsplaats vult. Een volledige groep zoals de aanvraag opnieuw beoordelen kan als één zinsdeel tellen.
- Zet de persoonsvorm tweede: Verwacht wordt ... en Werken moet je ....
- Zet het onderwerp of er na de persoonsvorm als het wordt uitgedrukt en laat een zware bijzin met dat aan het einde staan.
| Gewone volgorde | Volgorde met vooropplaatsing | Effect in de tekst |
|---|---|---|
| Er wordt verwacht dat de balie morgen opent. | Verwacht wordt dat de balie morgen opent. | gebruikelijke onpersoonlijke berichtstijl |
| We hebben de cijfers wel gecontroleerd. | Gecontróleerd hebben we de cijfers wel. | het deelwoord is al bekend of wordt gecontrasteerd; klemtoon ondersteunt het contrast |
| Zij kan nauwelijks nog koken. | Koken kan zij nauwelijks nog. | de activiteit is het onderwerp en de overige informatie draagt de hoofdboodschap |
| De afdeling wil de aanvraag opnieuw beoordelen. | De aanvraag opnieuw beoordelen wil de afdeling. | een hele infinitiefgroep wordt het onderwerp van de zin |
Het vooropgeplaatste materiaal vult één eerste zinsplaats, ook als het uit meerdere woorden bestaat. Volgens de V2-regel staat de persoonsvorm direct na dat zinsdeel.
Waarom gebruikt berichtgeving Verwacht wordt dat ...?
Journalistiek en officieel Nederlands zet in een onpersoonlijk bericht vaak een passief deelwoord voorop. Het patroon komt overeen met een zin die met er begint en houdt de zwaardere bijzin of aanvulling aan het einde.
| Eerste zinsdeel | Persoonsvorm | Materiaal aan het einde | Neutraal equivalent |
|---|---|---|---|
| Verwacht | wordt | dat de balie morgen opent | Er wordt verwacht dat de balie morgen opent. |
| Aangenomen | werd | dat alle bewoners bericht hadden gekregen | Er werd aangenomen dat alle bewoners bericht hadden gekregen. |
| Besloten | werd | tot een extra hoorzitting | Er werd tot een extra hoorzitting besloten. |
Het deelwoord vooraan is geen bijvoeglijk naamwoord en ook niet het onderwerp van de zin. Samen met wordt of werd vormt het de passieve uitdrukking. Een volgende bijzin met dat kan het grammaticale onderwerp leveren. De pagina's over de onpersoonlijke lijdende vorm en onpersoonlijk er behandelen die systemen.
Welke betekenis voegt andere vooropplaatsing van werkwoordsvormen toe?
Buiten het gebruikelijke berichtpatroon is vooropplaatsing van een werkwoordsvorm gemarkeerd door context en informatiestructuur. De werkwoordelijke gedachte wordt als bekend, als onderwerp of als één kant van een contrast gepresenteerd.
Contrasterende vooropplaatsing van een deelwoord hangt in gesproken taal af van klemtoon. In schrijftaal kan een accent die lezing zichtbaar maken: GezÃen hebben we elkaar wel, maar niet gesproken. Gebruik de gewone volgorde als er geen contrast of onderwerp in de context is opgebouwd.
Een aanvulling kan met de werkwoordsvorm mee vooropgaan als de woorden samen een bruikbaar onderwerp vormen: De wachtruimte schilderen wil de gemeente volgend jaar. In een geschikte context kan ook minder werkwoordelijk materiaal vooropstaan. De keuze hangt af van wat al bekend is en wat de zin als nieuw presenteert. Het is dus geen regel dat elk voorwerp altijd mee moet of juist moet achterblijven.
Infinitieven zonder te zijn hier het gebruikelijkste type, en vooropplaatsing van een infinitief komt minder vaak voor dan vooropplaatsing van een deelwoord. Het Nederlands staat ook sommige vooropgeplaatste infinitieven met te en groepen met aan het + infinitief toe. Het veelvoorkomende kale patroon vormt dus geen verbod op die gedocumenteerde varianten.
Wanneer plaats je een werkwoordsvorm voorop?
- Herken Verwacht wordt dat ... en vergelijkbare passieve openingen in nieuws, rapporten en besluiten.
- Gebruik het onpersoonlijke berichtpatroon als dat formele register past; begin voor een neutralere versie met er.
- Plaats een deelwoord of infinitief voorop om een opgebouwd onderwerp voort te zetten of een duidelijk contrast te markeren.
- Behoud de gewone volgorde als het werkwoord geen verband met de voorafgaande tekst heeft dat de gemarkeerde eerste plaats motiveert.
Veelgemaakte fouten
- Houd de persoonsvorm tweede na het vooropgeplaatste werkwoordelijke zinsdeel: schrijf Verwacht wordt dat ..., niet Verwacht dat ... wordt.
- Lees het voltooid deelwoord aan het begin van Aangenomen wordt dat ... niet als bijvoeglijk naamwoord. Het hoort bij het passieve hulpwerkwoord.
- Tel niet elk woord van de aanvraag opnieuw beoordelen als afzonderlijke eerste zinsplaats. De volledige infinitiefgroep is één zinsdeel.
- Gebruik deze pagina niet om een volgorde binnen een werkwoordgroep aan het einde te kiezen. Vooropplaatsing verandert de eerste zinsplaats; ze leert niet de volgorde binnen de werkwoordgroep.
Lees ook
Herhaal gewone vooropplaatsing en inversie, de V2-regel en de lijdende vorm. De pagina over onpersoonlijk er legt de neutrale tegenhanger van het berichtpatroon uit.
- Welke neutrale zin komt overeen met *Verwacht wordt dat de balie morgen opent*?
- *De balie verwacht morgen te worden geopend.*
- *Er wordt verwacht dat de balie morgen opent.*
- *Dat de balie opent verwacht morgen.*
- *Verwacht de balie dat morgen wordt.*
Het vooropgeplaatste berichtpatroon is de onpersoonlijke tegenhanger van *Er wordt verwacht dat ...*. Beide laten de zwaardere bijzin met *dat* aan het einde staan.
- Welke zin houdt de persoonsvorm op de tweede plaats na een vooropgeplaatst deelwoord?
- *Besloten tot extra overleg werd.*
- *Besloten werd tot extra overleg.*
- *Besloten tot werd een extra overleg.*
- *Besloten een extra overleg werd tot.*
*Besloten* vult de eerste zinsplaats en de persoonsvorm *werd* volgt direct. De aanvulling *tot extra overleg* blijft later staan.
- Wat is *verwacht* in *Verwacht wordt dat de wachttijd afneemt*?
- het onderwerp van de zin
- een bijvoeglijk naamwoord dat *wordt* beschrijft
- een voltooid deelwoord in de passieve uitdrukking
- een onderschikkend voegwoord
*Verwacht* is een voltooid deelwoord. Samen met de persoonsvorm *wordt* vormt het de onpersoonlijke passieve berichtuitdrukking.
- Waarom laat het berichtpatroon een bijzin met *dat* vaak aan het einde staan?
- Het Nederlands vereist dat elke bijzin met *dat* een vraag is.
- Het patroon houdt de zwaardere bijzin op de laatste plaats.
- Een deelwoord kan niet in dezelfde zin als *dat* staan.
- De laatste bijzin verandert het deelwoord in een bijvoeglijk naamwoord.
Door het compacte deelwoord voorop te plaatsen, kan de zwaardere inhoudsbijzin aan het einde blijven. Die ordening komt vaak in berichtgevende tekst voor.
- Welke zin zet een volledige infinitiefgroep vóór de persoonsvorm?
- *De aanvraag opnieuw beoordelen wil de commissie volgende week.*
- *De commissie wil de aanvraag volgende week opnieuw beoordelen.*
- *Wil de commissie de aanvraag volgende week opnieuw beoordelen?*
- *De aanvraag wil de commissie opnieuw volgende week beoordelen.*
*De aanvraag opnieuw beoordelen* is één infinitiefgroep op de eerste zinsplaats. Daarna volgen de persoonsvorm *wil* en het onderwerp *de commissie*.
Test jezelf
Question 1 of 5
Welke neutrale zin komt overeen met Verwacht wordt dat de balie morgen opent?