zijn, vallen en staan + te + infinitief voor kunnen en moeten
Zo gebruik je te + infinitief als compacte passieve constructie om uit te drukken dat iets kan of moet gebeuren.
De beschadigde scan is nog te herstellen. Het hele werkwoord herstellen ziet er actief uit, maar de beschadigde scan is het ding dat iemand zou kunnen herstellen.
Hoe bouw je de modale constructie met te + infinitief?
Zet het ding waarop de handeling gericht is vóór zijn en voeg daarna te + infinitief toe. Gebruik vallen in bepaalde onpersoonlijke patronen en staan alleen in een kleine groep vaste uitdrukkingen.
- Begin met een actieve gedachte: Een monteur kan de lift repareren.
- Laat de persoon die de handeling uitvoert ongenoemd en maak het getroffen ding tot onderwerp: de lift.
- Vervoeg zijn en voeg te + infinitief toe: De lift is te repareren.
- Zet in een bijzin het hele werkwoord vóór de laatste vorm van zijn: We blijven open omdat de lift snel te repareren is.
| Constructie | Gewone functie | Voorbeeld |
|---|---|---|
| X is (niet/gemakkelijk) te + infinitief | de handeling kan wel of niet op X worden uitgevoerd | De handtekening is nauwelijks te lezen. |
| er / aan X valt ... te + infinitief | iets is mogelijk of onmogelijk | Aan dit rooster valt weinig te veranderen. |
| beperkte waarderende uitdrukkingen met zijn | de handeling is gewenst, raadzaam of te vrezen | Het is te hopen dat de storing vandaag verdwijnt. |
| vaste uitdrukking met staan + te | een lexicale betekenis die je als geheel moet leren | Dat staat nog te bezien. |
| te + infinitief + zelfstandig naamwoord | de handeling kan, hoort of moet op het zelfstandig naamwoord worden uitgevoerd | de te controleren adressen |
Deze vorm heet vaak een modale of passieve infinitief. Hij drukt mogelijkheid, noodzakelijkheid of een verwant oordeel uit zonder een gewone lijdende vorm met worden te bouwen.
Waarom heeft een actief ogend infinitief een passieve betekenis?
Het onderwerp van zijn komt normaal overeen met het lijdend voorwerp van de bijbehorende actieve zin: het ondergaat de handeling in plaats van haar uit te voeren.
| Zinstype | Nederlands | Rol van het nummer |
|---|---|---|
| Actief | De medewerker controleert het nummer. | het nummer is het lijdend voorwerp: het ding dat wordt gecontroleerd |
| Modale infinitief met te | Het nummer is te controleren. | het nummer is nu het onderwerp, maar nog steeds het ding dat wordt gecontroleerd |
| Gewone passieve gebeurtenis | Het nummer wordt gecontroleerd. | de controle vindt daadwerkelijk plaats; de lijdende vorm behandelt dit patroon |
Het regelmatige patroon werkt daarom het best met een werkwoord dat op een lijdend voorwerp kan werken. Vaste onpersoonlijke uitdrukkingen zoals Er valt hier weinig te lachen vormen een beperkte uitbreiding; leer ze met hun volledige zinsbouw.
Wanneer betekent de constructie kunnen, en wanneer moeten of horen?
Predicatief X is te + infinitief drukt normaal vermogen of mogelijkheid uit. Attributieve vormen vóór een zelfstandig naamwoord kunnen ook een verplichting uitdrukken, terwijl een kleine groep waarderende uitdrukkingen advies, hoop of vrees weergeeft.
| Omgeving | Waarschijnlijke lezing | Voorbeeld |
|---|---|---|
| na zijn, vaak met niet, nauwelijks of gemakkelijk | kan wel of niet worden gedaan | Het archief is online gemakkelijk te doorzoeken. |
| vóór een zelfstandig naamwoord, met een deadline of vereiste | moet of hoort te worden gedaan | de vóór vrijdag in te leveren formulieren |
| vóór een zelfstandig naamwoord, met een woord voor gemak of ontkenning | kan wel of niet worden gedaan | een moeilijk te vervangen onderdeel |
| beperkte waarderende uitdrukking | gewenst, raadzaam of ongewenst | Een extra controle is aan te raden. |
Bij een attributieve vorm bepaalt de context de keuze tussen kunnen en moeten. Het te betalen voorschot kan een verplichte betaling benoemen, terwijl een niet te negeren waarschuwing een praktische noodzaak beschrijft. Het infinitief zelf drukt geen vaste graad van noodzakelijkheid uit.
Hoe werken vallen en vaste uitdrukkingen met staan?
Gebruik vallen + te + infinitief voor mogelijkheid in een beperkte groep patronen, vaak met er, een voorzetselgroep, een ontkenning of een hoeveelheidswoord.
- Er valt genoeg te bespreken.
- Aan de planning valt niets meer te veranderen.
- Dat valt moeilijk te bewijzen.
Leer staan + te als vaste combinaties en niet als vrij alternatief voor zijn: te wachten staan, te gebeuren staan, te doen staan en te bezien staan. In Het appartement staat te koop is koop een zelfstandig naamwoord en geen infinitief. Die uitdrukking hoort dus niet bij deze constructie.
Hoe verwijs je naar een eerdere situatie?
Zet zijn in de onvoltooid verleden tijd voor een eerder gezichtspunt: De extra reistijd was te verwachten. Houd de modale infinitief in de vorm te + infinitief; vervang hem niet door een voltooid deelwoord.
Wanneer gebruik je deze constructie?
- Gebruik zijn + te + infinitief om te beoordelen of een voorwerp kan worden behandeld, gelezen, gerepareerd, bereikt of begrepen.
- Gebruik in plannen, regels en formele instructies vóór een zelfstandig naamwoord een attributieve modale infinitief: de nog te beantwoorden vragen.
- Gebruik de vaste patronen met vallen en staan waar ze passen; beschouw ze als beperktere patronen dan het algemene zijn + te.
- Gebruik worden + voltooid deelwoord als je zegt dat een gebeurtenis plaatsvindt, en moeten + worden als je een ondubbelzinnige verplichting geeft.
Veelgemaakte fouten
- Zie het zichtbare onderwerp niet als de uitvoerder van de handeling. In De code is te controleren controleert iemand de code; de code controleert zelf niets.
- Voeg geen om toe. Deze modale infinitief gebruikt te controleren, terwijl een doelzin of aanvullingszin om te kan gebruiken.
- Gebruik gewoon predicatief zijn + te niet als vast bevel als moeten worden de verplichting duidelijk uitdrukt: Het formulier moet vandaag worden ondertekend.
- Verzin geen nieuwe combinaties met staan + te. Het productieve patroon voor vermogen gebruikt zijn; staan leeft voort in een kleine groep uitdrukkingen.
Zie ook
Herhaal gewone infinitieven met te, vergelijk de lijdende vorm en houd dit patroon apart van de kale infinitief en bijzinnen met om + te.
- Zet *Een technicus kan het slot herstellen* om in de modale constructie met *te + infinitief*.
- Het slot is te herstellen.
- Het slot is om herstellen.
- De technicus is het slot te herstellen.
- Het slot wordt te hersteld.
Het getroffen lijdend voorwerp *het slot* wordt het onderwerp, gevolgd door *is + te + infinitief*: *Het slot is te herstellen.*
- Welke naamwoordgroep betekent dat de aanvraag vóór vrijdag moet worden ingeleverd?
- de aanvraag vóór vrijdag inleveren
- de vóór vrijdag ingeleverde te aanvraag
- de vóór vrijdag in te leveren aanvraag
- de om vóór vrijdag inleveren aanvraag
De attributieve modale infinitief staat vóór het zelfstandig naamwoord. Bij het scheidbare *inleveren* komt *te* tussen het werkwoordelijke deel en het werkwoord: *in te leveren*.
- Welke zin gebruikt *vallen + te + infinitief* om te zeggen dat er weinig kan worden veranderd?
- Het tijdstip valt weinig veranderen.
- Aan het tijdstip valt weinig te veranderen.
- Aan het tijdstip is weinig om veranderen.
- Het tijdstip staat weinig te veranderen.
Het vaste patroon is *aan X valt weinig te veranderen*: aan X kan weinig worden veranderd.
- Wat betekent *Dat staat nog te bezien*?
- Iemand moet daar onmiddellijk naar kijken.
- Dat is al zichtbaar.
- Dat moet nog blijken of is nog onzeker.
- Dat is te koop.
*te bezien staan* is een vaste uitdrukking die aangeeft dat iets nog onzeker is.
- Een manager geeft de duidelijke instructie dat een formulier vandaag moet worden ondertekend. Welke zin drukt die verplichting het duidelijkst uit?
- Het formulier is vandaag te ondertekenen.
- Het formulier valt vandaag te ondertekenen.
- Het formulier moet vandaag worden ondertekend.
- Het formulier staat vandaag te ondertekenen.
Gebruik voor een ondubbelzinnige verplichting *moeten + worden + voltooid deelwoord*: *Het formulier moet vandaag worden ondertekend.*
Test jezelf
Question 1 of 5
Zet Een technicus kan het slot herstellen om in de modale constructie met te + infinitief.