Skip to main content

De or het leven?

het leven

Meaning

life (act or duration of living)

Example

Het leven is vol verrassingen.

Life is full of surprises.

In mijn vrije tijd geniet ik van het leven.

In my free time, I enjoy life.

Plural
de levens
Diminutive
het leventje
Demonstrative
dit leven / dat leven
With an adjective
een mooi leven / het mooie leven