Beantwoord de hele vraag
Bij A2 Spreken laat je op de computer zien dat je Nederlands kunt verstaan en spreken. Het examen duurt 35 minuten. Oefen met vragen bij filmpjes en bij één, twee of drie plaatjes. Geef eerst antwoord op de vraag. Voeg daarna alle gevraagde details toe, zoals een reden. Gebruik alle plaatjes als de opdracht daarom vraagt.
Hoe A2 Spreken werkt en wordt beoordeeld
Je bekijkt korte filmpjes en beantwoordt vragen in het Nederlands. Het hele examen A2 Spreken duurt 35 minuten. Dat staat op de website van DUO (Dienst Uitvoering Onderwijs) (Externe website, opent in een nieuw tabblad).
Als je gewend bent aan een mondeling examen met een docent, oefen dan ook zonder gesprekspartner. Bij A2 Spreken beantwoord je vragen op de computer.
DUO beoordeelt of je antwoord bij de vraag past en duidelijk is. DUO kijkt ook naar je woordgebruik, grammatica en uitspraak. Verder telt mee hoe soepel je spreekt en of je ideeën op elkaar aansluiten. Geef je geen antwoord of is je antwoord onverstaanbaar? Dan krijg je bij elk onderdeel 0 punten. Dat geldt ook als je antwoord niet op de vraag ingaat. Je kunt met eenvoudige woorden punten halen als je eigen woorden gebruikt en die goed gebruikt. Deze regels staan in het Beoordelingsmodel Spreken A2 (Externe website, opent in een nieuw tabblad) van 10 augustus 2026.
Het examen A2 Spreken heeft 16 opdrachten. Per opdracht kun je maximaal 12 punten halen. De maximale totaalscore is dus 192 punten (16 × 12). Dat is het hoogst mogelijke aantal punten, niet het minimum dat je nodig hebt om te slagen.
Vragen bij filmpjes en plaatjes
Met deze vier oefenvormen leer je hoe je een antwoord opbouwt. Luister steeds naar de vraag: die bepaalt welke details je moet geven. Alleen het aantal plaatjes zegt nog niet wat je moet vertellen.
Brede tabellen kun je horizontaal scrollen.
| Vraagtype | Wat je ziet of hoort | Zo bouw je je antwoord op |
|---|---|---|
| Vraag bij een filmpje | Iemand stelt een vraag over het dagelijks leven. | Geef antwoord over jezelf. Vertel ook het gevraagde detail, zoals wat je doet of waarom. |
| Eén plaatje | Een situatie met een vraag erover. | Gebruik wat je op het plaatje ziet om antwoord te geven. Geef je mening of een ander detail als de vraag daarom vraagt. |
| Twee plaatjes | Twee mogelijkheden met een vraag over je voorkeur. | Maak duidelijk wat je kiest. Geef de gevraagde reden of het gevraagde detail. Vergelijk de plaatjes als dat helpt om je keuze uit te leggen. |
| Drie plaatjes | Drie afbeeldingen van handelingen of voorwerpen. | Geef over elk plaatje antwoord als de vraag dat vraagt. Vertel handelingen in de juiste volgorde, of noem de voorwerpen en leg uit waarvoor je ze gebruikt. |
Je antwoord opbouwen
Gebruik deze vier stappen bij elke vraag:
- Luister naar de hele vraag.
- Bekijk de plaatjes als die er zijn.
- Beantwoord de hoofdvraag in je eerste zin.
- Voeg elk gevraagd detail toe, zoals een reden, een mening of een tijdstip.
Vragen bij een filmpje
Vertel ook… betekent dat je nog een deel van de vraag moet beantwoorden. Bij een vraag over pauzes op je werk vertel je bijvoorbeeld hoe vaak je pauze neemt. Daarna vertel je wat je tijdens de pauze doet.
Vragen bij één plaatje
Bij een plaatje van het verkeer kan de vraag zijn waarom iemand te laat komt en wat die persoon daarna moet doen. Leg met de verkeerssituatie op het plaatje uit waarom de persoon te laat is. Vertel daarna wat de persoon moet doen.
Vragen bij twee plaatjes
Bij twee plaatjes van drankjes kan de vraag zijn welk drankje je kiest en wanneer je dat drinkt. Vertel dan ook wanneer je het drinkt. Moet je kiezen waar je wilt fietsen en uitleggen waarom? Dan kun je zeggen:
Ik kies het tweede plaatje. Ik zie een rustige straat. Ik fiets daar liever, want er zijn minder auto’s.
In dit antwoord kies je een plaatje, noem je een zichtbaar detail en geef je een reden. Vraagt de opdracht waarom je iets kiest? Dan kan een vergelijking helpen om je keuze uit te leggen.
Vragen bij drie plaatjes
Drie plaatjes kunnen samen een volgorde laten zien. Het kunnen ook drie losse voorwerpen zijn. Bij plaatjes over handen wassen kun je per plaatje een korte zin zeggen over de handeling. Vraagt de opdracht om meer? Vertel dat er dan bij. Bijvoorbeeld:
Eerst gebruikt ze zeep. Daarna wast ze haar handen. Ten slotte droogt ze haar handen.
Bij drie voorwerpen noem je elk voorwerp. Leg ook uit waarvoor je het gebruikt als de vraag dat vraagt. Gaat de vraag over een bord, een landkaart en een klok in een klaslokaal? Geef dan over elk voorwerp antwoord.
Kies je volgende oefening
Begin met de officiële oefenexamens voor A2 Spreken van DUO (Externe website, opent in een nieuw tabblad). Zo oefen je met het examen op de computer. DUO biedt drie oefenexamens voor Spreken aan. Die werken niet in Safari, dus gebruik een andere browser.
Neem daarna voor extra oefening 16 antwoorden op met een microfoon: vier per vraagtype. Houd bij het oefenen ongeveer één minuut per antwoord aan. Luister je opnames terug. Controleer bij elk antwoord of je alle delen van de vraag hebt beantwoord. Ontbreekt er een detail? Oefen dat vraagtype nog eens en geef het ontbrekende detail in je volgende antwoord. Zijn je antwoorden compleet? Oefen dan met verschillende vraagtypen door elkaar. Kies hieronder waarmee je verder wilt oefenen:
- Lees de gids voor het examen A2 Spreken voor de examenvorm, de beoordelingstabel en 16 zelfgemaakte oefenopdrachten.
- Gebruik het gratis oefenwerkboek voor A2 Spreken voor extra oefening met zelfgemaakte opdrachten en voorbeeldantwoorden.
- Gebruik de gratis samenvatting voor A2 Spreken voor manieren om je antwoord op te bouwen, zinnen om jezelf te verbeteren en aandachtspunten voor de beoordeling.
- Auteur
- Door Inburgering.org team
- Reviewer
- Gereviewd door Kirill Svavolia
Officiële bronnen
- Inburgeren.nl: Taalexamens (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - A2 Spreken toetst of je Nederlands kunt spreken en verstaan. Je beantwoordt vragen bij filmpjes op de computer. Het examen duurt 35 minuten.
- Inburgeren.nl: Oefenen (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Drie officiële oefenexamens voor A2 Spreken. Het oefenexamen Spreken werkt niet in Safari.
- DUO: Beoordelingsmodel Spreken A2 (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Versie van 10 augustus 2026: zes onderdelen van de beoordeling. Geen antwoord, een onverstaanbaar antwoord of een antwoord dat niet bij de vraag past levert bij elk onderdeel 0 punten op.