Voltooid toekomende tijd en voltooid voorwaardelijke wijs: zal hebben gedaan en zou hebben gedaan
Vorm de voltooid toekomende tijd zal hebben gedaan en de voltooid voorwaardelijke wijs zou hebben gedaan met het juiste hulpwerkwoord en de juiste werkwoordvolgorde.
Om acht uur zal ik het rapport hebben afgemaakt. De voltooid toekomende tijd stelt een resultaat voor als afgerond op een toekomstig tijdstip. Als ik het geweten zou hebben, zou ik je hebben gebeld. De voltooid voorwaardelijke wijs kan in de onwerkelijke voorwaarde in het verleden staan, in het gevolg of in beide. Vergelijk deze voltooide vormen met de toekomende tijd en de voorwaardelijke wijs.
Hoe vorm je de voltooid toekomende tijd en de voltooid voorwaardelijke wijs
Combineer zal/zullen of zou/zouden met hebben of zijn en de voltooide vorm van het hoofdwerkwoord.
Hebben of zijn is het hulpwerkwoord van de voltooide tijd, het hulpwerkwoord waarmee je een voltooide tijd vormt. Het voltooid deelwoord is de voltooide werkwoordsvorm, zoals gewerkt of vertrokken.
- Kies de tijd. Gebruik zal/zullen voor de voltooid toekomende tijd en zou/zouden voor de voltooid voorwaardelijke wijs.
- Laat de vorm overeenkomen met het onderwerp. Gebruik zal bij ik/hij/zij, zal of zult bij jij/je en zullen bij een onderwerp in het meervoud. Gebruik zou bij een onderwerp in het enkelvoud en zouden bij een onderwerp in het meervoud.
- Neem het hulpwerkwoord uit de gewone voltooide tijd over. Volg dezelfde keuze tussen hebben en zijn: ik heb gewerkt wordt ik zal hebben gewerkt, terwijl hij is vertrokken verandert in hij zou zijn vertrokken.
- Voeg het voltooid deelwoord van het hoofdwerkwoord toe, zoals gewerkt, afgemaakt, vertrokken of begonnen.
| Werkwoord | Voltooid toekomende tijd | Voltooid voorwaardelijke wijs |
|---|---|---|
| werken | ik zal hebben gewerkt | ik zou hebben gewerkt |
| afmaken | ik zal hebben afgemaakt | ik zou hebben afgemaakt |
| vertrekken | de trein zal zijn vertrokken | de trein zou zijn vertrokken |
| beginnen | de film zal zijn begonnen | de film zou zijn begonnen |
Plaats de drie werkwoordsvormen in de zin
Om acht uur zal ik mijn werk hebben afgemaakt. De persoonsvorm is de vorm die bij het onderwerp past, zoals zal of zullen. In een hoofdzin staat de tijdsbepaling om acht uur op de eerste plaats. Daarom komt de persoonsvorm zal daarna. Het onderwerp ik volgt.
Een werkwoordgroep is de groep werkwoorden aan het einde van deze zinnen. Hier bevat hij het hulpwerkwoord van de voltooide tijd en het voltooid deelwoord. De groep kan hebben afgemaakt of afgemaakt hebben gebruiken: Om acht uur zal ik mijn werk afgemaakt hebben. Beide volgordes komen voor in het Standaardnederlands. Sprekers en regio's verschillen in hun voorkeur.
Een bijzin houdt alle drie de werkwoordsvormen aan het einde. Je kunt als ik het zou hebben geweten of als ik het geweten zou hebben zeggen. Deze voorbeelden laten ook zien dat het Nederlands zou in een als-zin kan gebruiken.
Gebruik de voltooid toekomende tijd voor een later resultaat of een waarschijnlijke conclusie
Tegen vrijdag zal ik alles hebben geregeld. Gebruik de voltooid toekomende tijd wanneer een handeling vóór een genoemd of begrepen toekomstig tijdstip is afgerond.
- Een toekomstig resultaat: Voordat je thuis bent, zal de film zijn begonnen.
- Een waarschijnlijke conclusie: Hij zal het wel vergeten zijn. Hier wijst wel op een conclusie over een afgeronde gebeurtenis, niet op een toekomstig tijdstip.
Het Nederlands gebruikt vaak de voltooid tegenwoordige tijd wanneer een tijdsbepaling de toekomstige betekenis al duidelijk maakt: Tegen vrijdag heb ik alles geregeld. De versie met zal komt minder vaak voor.
Gebruik de voltooid voorwaardelijke wijs in een onwerkelijke voorwaarde of een onwerkelijk gevolg in het verleden
Zonder de file zou ze op tijd zijn aangekomen. De voltooid voorwaardelijke wijs geeft hier het onwerkelijke gevolg. Hij kan ook de onwerkelijke voorwaarde geven: als ik het geweten zou hebben.
De voltooid verleden tijd gebruikt de verleden vormen had/hadden of was/waren met een voltooid deelwoord, zoals in had geweten en was vertrokken. Deze tijd stelt een handeling voor als afgerond vóór een ander tijdstip in het verleden. In zinnen over een onwerkelijk verleden kan het Nederlands deze tijd op de volgende drie manieren combineren met de voltooid voorwaardelijke wijs.
| als-zin | Gevolgzin | Volledig voorbeeld |
|---|---|---|
| had geweten (voltooid verleden tijd) | zou hebben gebeld (voltooid voorwaardelijke wijs) | Als ik het had geweten, zou ik je hebben gebeld. |
| geweten zou hebben (voltooid voorwaardelijke wijs) | had gebeld (voltooid verleden tijd) | Als ik het geweten zou hebben, had ik je gebeld. |
| had geweten (voltooid verleden tijd) | had gebeld (voltooid verleden tijd) | Als ik het had geweten, had ik je gebeld. |
Het eerste patroon is een duidelijk leermodel. Het Nederlands gebruikt ook vaak het derde patroon, met de voltooid verleden tijd in beide zinnen.
Behoud beide delen van de voltooide tijd
Ik zou werken gebruikt de voorwaardelijke wijs. Ik zou hebben gewerkt voegt het hulpwerkwoord van de voltooide tijd en het voltooid deelwoord toe voor een afgerond resultaat. Neem ook het hulpwerkwoord uit de gewone voltooide tijd over. Het Nederlands gebruikt de trein is vertrokken en de film is begonnen. Daarom gebruiken deze vormen zijn: zal zijn vertrokken en zou zijn begonnen.
- Vul in: *Om acht uur ___ ik mijn werk hebben afgemaakt.* (Gebruik de voltooid toekomende tijd.)
- *zal*
- *zou*
- *heb*
- *word*
De voltooid toekomende tijd gebruikt een tegenwoordige vorm van *zullen*. Bij *ik* kies je *zal*: *Om acht uur zal ik mijn werk hebben afgemaakt.* *Zou* maakt dit de voltooid voorwaardelijke wijs.
- Welke zin staat in de voltooid voorwaardelijke wijs?
- *Ik zal hebben gewerkt*
- *Ik heb gewerkt*
- *Ik zou hebben gewerkt*
- *Ik zou werken*
De voltooid voorwaardelijke wijs combineert *zou* met de voltooide groep *hebben gewerkt*: *Ik zou hebben gewerkt.* *Ik zal hebben gewerkt* staat in de voltooid toekomende tijd. *Ik zou werken* staat in de gewone voorwaardelijke wijs.
- Vul in: *Voordat je thuis bent, zal de film ___ begonnen.* (Kies het hulpwerkwoord van de voltooide tijd.)
- *hebben*
- *zijn*
- *worden*
- *had*
De gewone voltooide tijd is *de film is begonnen*. De voltooid toekomende tijd behoudt dat hulpwerkwoord: *zal zijn begonnen*.
- Zoek de fout: *De trein zal om negen uur hebben vertrokken.*
- *zal* moet *zou* zijn
- *hebben* moet *zijn* zijn
- *vertrokken* moet *vertrekt* zijn
- er is niets fout
De gewone voltooide tijd is *de trein is vertrokken*. Daarom gebruikt de voltooid toekomende tijd *zijn*: *de trein zal zijn vertrokken*.
- Welke tijd kan dezelfde betekenis van een onwerkelijk verleden uitdrukken als *zou hebben gedaan*?
- de tegenwoordige tijd
- de voltooid verleden tijd (*had gedaan*)
- de gebiedende wijs
- de onvoltooid verleden tijd
Het Nederlands gebruikt vaak de [voltooid verleden tijd](/grammar/pluperfect) voor een onwerkelijk verleden: *Met een paraplu was ik droog gebleven.* Het alternatief in de voltooid voorwaardelijke wijs is *Met een paraplu zou ik droog zijn gebleven.*
Test jezelf
Question 1 of 5
Vul in: Om acht uur ___ ik mijn werk hebben afgemaakt. (Gebruik de voltooid toekomende tijd.)