Geef antwoord op de hele vraag
Beantwoord bij A2 Spreken elk deel van de vraag met korte Nederlandse zinnen. Geef ook de reden, mening of informatie uit het plaatje waar de opdracht om vraagt. Hieronder staan vier oefenantwoorden die Inburgering.org zelf heeft gemaakt. Gebruik ze als voorbeeld en pas de details aan de vraag aan.
Je doet A2 Spreken op de computer. Je bekijkt filmpjes en beantwoordt vragen. DUO (Dienst Uitvoering Onderwijs) legt de examenvorm uit op de pagina Taalexamens (Externe website, opent in een nieuw tabblad). Oefen met de officiële oefenexamens voor A2 Spreken (Externe website, opent in een nieuw tabblad). Deze werken niet in Safari. Gebruik daarom een andere browser.
In de gids voor A2 Spreken vind je uitleg over het hele examen en een tabel waarmee je je oefenantwoord kunt beoordelen.
Wat kun je zeggen bij deze opdrachten?
In deze vier zelfgemaakte oefeningen lees je een vraag en stel je je een situatie voor. Lees de Nederlandse vraag en het voorbeeldantwoord. Elk antwoord begint met de informatie waar de vraag om vraagt. Daarna volgt een detail, reden, mening of beschrijving van de volgorde.
Een vraag bij een filmpje
Stel je voor dat iemand vraagt hoe je naar school of je werk gaat.
Vraag: Hoe gaat u meestal naar school of werk? Vertel ook waarom.
Voorbeeldantwoord: Ik ga meestal met de fiets naar mijn werk. Dat is snel en goedkoop. Mijn werk is niet ver weg. Als het regent, neem ik de bus.
Eén plaatje beschrijven
Stel je een vrouw voor die in een keuken kookt. Er staat een pan op het fornuis en er liggen groenten op tafel.
Vraag: Een vrouw kookt in de keuken. Vertel wat u ziet en wat u ervan vindt.
Voorbeeldantwoord: Ik zie een vrouw in de keuken. Zij maakt eten in een pan. Er liggen groenten op tafel. Ik vind koken leuk, want vers eten is lekker.
Kiezen tussen twee plaatjes
Stel je twee plaatjes voor. Op het ene drinkt iemand thuis koffie. Op het andere drinkt iemand koffie in een café.
Vraag: Waar drinkt u liever koffie: thuis of in een café? Vertel ook waarom.
Voorbeeldantwoord: Ik drink liever koffie thuis. Thuis is het rustig en goedkoper. In een café is het soms druk. Ik drink koffie meestal in de ochtend.
Drie plaatjes op volgorde beschrijven
Stel je drie plaatjes voor. Een man pompt eerst zijn fietsband op. Dan zet hij zijn tas op de fiets. Daarna fietst hij naar zijn werk.
Vraag: Een man maakt zijn fiets klaar. Vertel iets over alle plaatjes.
Voorbeeldantwoord: Eerst pompt de man zijn band op. Daarna zet hij zijn tas op de fiets. Tot slot fietst hij naar zijn werk. Hij wil op tijd komen.
Wat oefen je met deze antwoorden?
Met de voorbeelden oefen je om antwoord te geven op de vraag, details te noemen en zinnen met elkaar te verbinden. DUO beoordeelt of je antwoord bij de vraag past en begrijpelijk is. Ook je woordenschat, grammatica en uitspraak tellen mee. Verder kijkt DUO hoe vlot je spreekt en hoe je zinnen met elkaar samenhangen. Dit staat in het Beoordelingsmodel Spreken A2 (Externe website, opent in een nieuw tabblad) van 10 augustus 2026.
Let bij het opnemen van je eigen antwoord op deze vier punten:
- Geef eerst antwoord op de vraag. Het voorbeeld over reizen begint met hoe je naar je werk gaat.
- Gebruik korte zinnen die je zelf kunt maken. De voorbeelden staan meestal in de tegenwoordige tijd.
- Geef een reden als de vraag daarom vraagt. Met want en omdat kun je twee ideeën verbinden.
- Spreek duidelijk. De luisteraar moet je antwoord kunnen begrijpen.
Elk voorbeeld bestaat uit vier zinnen. Zo kun je deze oefenvragen beantwoorden. Welke informatie je moet geven, hangt af van de vraag.
Hoe maak je je eigen antwoord met het voorbeeld?
Kies een van deze beginzinnen als die bij de vraag past. Vul de zin aan met je eigen woorden en details:
- Ik kies…
- Ik zie…
- Ik vind het leuk, want…
- Ik vind het niet leuk, want…
- Eerst…, daarna…, tot slot…
Voor onze oefenopnamen gebruik je een timer van één minuut. Je kunt stoppen zodra je antwoord volledig is.
Inburgering.org raadt voor veel A2-oefenopdrachten vier tot zes eenvoudige Nederlandse zinnen aan. Voor deze opname-oefening is dat genoeg als je alle delen van de vraag beantwoordt. Gebruik ook de informatie uit het plaatje als dat er is. Houd je bij het officiële examen aan de tijd en instructies van de opdracht.
- Kies een vraag hierboven.
- Pas de details uit het voorbeeld aan je eigen situatie of het denkbeeldige plaatje aan.
- Neem je antwoord op met een timer van één minuut.
- Luister je opname terug.
- Controleer of je elk deel van de vraag in je eigen woorden hebt beantwoord.
Verander bijvoorbeeld Ik ga meestal met de fiets naar mijn werk. in Ik ga meestal met de trein naar school. Geef daarna een reden die bij die reis past.
Waar kun je verder oefenen met spreken?
Als je gewend bent aan een spreektoets met iemand tegenover je, oefen dan ook met de computer. Gebruik daarvoor de officiële oefenexamens van DUO.
Begin met de officiële oefenexamens van DUO als je nog niet weet hoe het examen op de computer werkt. Mist je opname een reden of een detail waar de vraag om vraagt? Neem het antwoord dan opnieuw op en voeg die informatie toe. Zorg dat je antwoord bij de vraag past voordat je opnieuw oefent.
Voor meer gratis oefeningen van Inburgering.org kun je een van deze pagina’s gebruiken:
- Auteur
- Door Inburgering.org team
- Reviewer
- Gereviewd door Kirill Svavolia
Officiële bronnen
- Inburgeren.nl: Taalexamens (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Je doet A2 Spreken op de computer, met filmpjes en vragen. Het examen duurt 35 minuten.
- Inburgeren.nl: Oefenen (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - DUO heeft drie officiële oefenexamens voor A2 Spreken. Deze werken niet in Safari.
- DUO: Beoordelingsmodel Spreken A2 (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Versie van 10 augustus 2026: antwoord op de vraag en begrijpelijkheid, woordenschat, grammatica, vloeiendheid, samenhang en uitspraak.