Cevap anahtarıyla 40 Hollandaca soru
Önce DUO (Dienst Uitvoering Onderwijs, Hollanda eğitim kurumu) resmi KNM deneme sınavlarını (Harici site, yeni sekmede açılır) çöz. Sonra ek alıştırma için buradaki 40 özgün Hollandaca soruyu ve cevap anahtarını kullan. Süren resmi KNM sınavıyla (Harici site, yeni sekmede açılır) aynı olsun diye zamanlayıcıyı 45 dakikaya ayarla. KNM sınavını geçmek için 40 sorudan yaklaşık 28’ini doğru yanıtlamalısın.
Resmi sınav ve bu soru seti
Kennis van de Nederlandse Maatschappij, Hollanda’daki yaşam hakkında bildiklerini ölçer. Resmi KNM müfredatında (Harici site, yeni sekmede açılır) sekiz konu var. Sorularda A2 düzeyinde Hollandaca kullanılır. Sınavın yapısı ve kayıt işlemleri için KNM sınav rehberini okuyabilirsin.
Bu sette sekiz konunun her birinden sorular var. Her soruda yazılı bir görsel betimlemesi, bir durum ve üç seçenek bulacaksın. Resmi sınavda görseller kullanılır. Buradaki 40 soru müfredatın yalnızca bir kısmını kapsar. Bu yüzden resmi deneme sınavlarını da çöz.
Daha fazla alıştırma için süreli ücretsiz KNM deneme sınavımızı kullanabilirsin. Konuları ayrıca çalışmak istersen ücretsiz KNM çalışma özetini oku. İkisi de Inburgering.org’un hazırladığı kaynaklardır.
Alıştırmada kullanacağın ayarlar
Bu soru setini aşağıdaki ayarlarla çöz. 45 dakikalık süre, DUO sınav süresiyle aynıdır. KNM sınavını geçmek için 40 sorudan yaklaşık 28’ini doğru yanıtlamalısın. Bu sayfadaki 40 soruluk set için de aynı ölçütü kullan. Yaklaşık 12 yanlış yapabilirsin.
Geniş tabloları yatay olarak kaydırabilirsiniz.
| Ayar | Bu soru seti |
|---|---|
| Sorular | 40 çoktan seçmeli soru |
| Süre | 45 dakika |
| Geçme ölçütü | Yaklaşık 28 doğru cevap |
| Görev | Durumu ve görsel betimlemesini oku. A, B ya da C’yi seç. |
Soruları nasıl çözmelisin?
Şu adımları sırayla uygula:
- Sınav ortamını tanımak için DUO’nun resmi KNM deneme sınavlarını (Harici site, yeni sekmede açılır) aç.
- Bu sete başlamadan önce zamanlayıcıyı 45 dakikaya ayarla.
- Cevaplarını kâğıda veya bir nota A, B ya da C olarak yaz.
- Cevap anahtarına bakmadan 40 sorunun tamamını bitir.
- Doğru cevaplarını say.
- Yanlış yaptığın konuları işaretle.
40 özgün KNM A2 alıştırma sorusu
Sorular Hollandacadır. Tanımadığın Hollandaca terimler ilk geçtiğinde parantez içinde Türkçe açıklanır. Her yazılı görsel betimlemesini okuyup sahneyi zihninde canlandır.
Gezondheid en gezondheidszorg (sağlık ve sağlık hizmetleri)
Vraag (soru) 1
Beeld (görsel betimlemesi): Een vrouw met verhuisdozen staat voor een huisartsenpraktijk (aile hekimi muayenehanesi).
Amina is net verhuisd naar Eindhoven. Zij heeft nog geen huisarts (aile hekimi). Wat kan Amina het beste doen?
A: Wachten tot de gemeente (belediye) een huisarts kiest.
B: Zelf een huisartsenpraktijk bellen om zich in te schrijven.
C: Naar de spoedeisende hulp (acil servis) gaan voor een inschrijving.
Vraag 2
Beeld: Een man houdt zijn wang vast en zit in een wachtkamer.
Tom heeft erge kiespijn. Met wie moet hij meestal een afspraak maken?
A: Met de tandarts (diş hekimi).
B: Met het consultatiebureau (çocuk sağlığı merkezi).
C: Met de Belastingdienst (vergi dairesi).
Vraag 3
Beeld: Een oudere buurman ligt op straat naast zijn rollator.
De buurman van Leila is gevallen. Hij praat niet en reageert niet. Welk nummer moet Leila bellen?
A: 0900-8844.
B: 112.
C: Het nummer van de apotheek (eczane).
Vraag 4
Beeld: Een zwangere vrouw praat met een zorgverlener.
Mira is zwanger. Zij wil controles tijdens haar zwangerschap. Wie kan haar hierbij helpen?
A: Een verloskundige (ebe).
B: Een makelaar (emlakçı).
C: Een rijinstructeur (sürücü eğitmeni).
Vraag 5
Beeld: Een man leest thuis een brief van zijn zorgverzekeraar (sağlık sigortası şirketi).
Yusuf is in het ziekenhuis geweest. De brief zegt dat een deel onder het eigen risico (sağlık sigortasında kendin ödediğin pay) valt. Wat betekent dit meestal?
A: Yusuf betaalt dit deel zelf.
B: De gemeente betaalt dit deel.
C: De werkgever (işveren) betaalt dit deel.
Omgangsvormen, waarden en normen (sosyal davranışlar, değerler ve kurallar)
Vraag 6
Beeld: Een uitnodiging voor een verjaardag met tijd 20.00 uur.
Niels is uitgenodigd voor een verjaardag om 20.00 uur. Wat is in Nederland meestal beleefd?
A: Rond 20.00 uur komen of laten weten dat hij later is.
B: Pas om 23.00 uur komen zonder iets te zeggen.
C: Helemaal niet reageren op de uitnodiging.
Vraag 7
Beeld: Een vrouw staat bij de voordeur van haar buurman.
De buurman van Farah zet vaak harde muziek aan in de avond. Wat kan Farah het beste eerst doen?
A: Meteen verhuizen.
B: Rustig met de buurman praten.
C: De huisarts bellen.
Vraag 8
Beeld: Een kind zet een schoen bij de deur met een wortel erin.
Welke Nederlandse traditie hoort bij dit beeld?
A: Koningsdag (Kral Günü).
B: Sinterklaas (Aziz Nikola kutlaması).
C: Prinsjesdag (bütçenin açıklandığı gün).
Instanties (kurumlar)
Vraag 9
Beeld: Een man staat met een verhuisdoos bij het gemeentehuis.
Ravi verhuist naar een andere gemeente. Waar moet hij zijn nieuwe adres doorgeven?
A: Bij de gemeente.
B: Bij de huisarts.
C: Bij de supermarkt.
Vraag 10
Beeld: Ouders zitten met een baby op de bank en lezen een brief.
Ouders kunnen kinderbijslag (çocuk yardımı) krijgen. Welke organisatie regelt kinderbijslag?
A: DUO.
B: De Sociale Verzekeringsbank (SVB, sosyal sigorta kurumu).
C: De Kamer van Koophandel (ticaret odası).
Vraag 11
Beeld: Een vrouw bekijkt toeslagen (sosyal yardımlar) op een laptop.
Sofia wil zorgtoeslag (sağlık sigortası desteği) aanvragen. Via welke website kan zij dit doen?
A: Via Mijn toeslagen (çevrimiçi sosyal yardım hesabı) op belastingdienst.nl.
B: politie.nl.
C: bibliotheek.nl.
Vraag 12
Beeld: Een man houdt een beschadigd paspoort vast.
Mehmet woont in Nederland en heeft de Nederlandse nationaliteit. Hij heeft een nieuw Nederlands paspoort nodig. Waar vraagt hij dit aan?
A: Bij de gemeente waar hij staat ingeschreven.
B: Bij het UWV (çalışan sigortaları kurumu).
C: Bij zijn bank.
Vraag 13
Beeld: Een vrouw zit achter een computer met het logo van UWV op het scherm.
Iris is haar baan kwijt en wil een WW-uitkering (işsizlik ödeneği) aanvragen. Welke instantie hoort hierbij?
A: Het UWV.
B: De apotheek.
C: De woningcorporatie (konut kuruluşu).
Vraag 14
Beeld: Een jonge ondernemer pakt dozen in voor een webshop.
Luca begint een eigen webshop. Wat moet hij volgens de wet meestal doen?
A: Zich inschrijven bij de Kamer van Koophandel.
B: Zich inschrijven bij een basisschool (ilkokul).
C: Een afspraak maken bij het consultatiebureau.
Vraag 15
Beeld: Een telefoon toont het inlogscherm van Mijn Inburgering (çevrimiçi uyum hesabı).
Waar kan Hana zien welke inburgeringsexamens (uyum sınavları) zij nog moet doen?
A: In Mijn Inburgering.
B: In de webshop van de gemeente.
C: In de reisplanner van de NS (Hollanda demiryolları).
Werk en inkomen (iş ve gelir)
Vraag 16
Beeld: Een loonstrook (maaş bordrosu) op een bureau naast een bankpas.
Het brutosalaris (brüt maaş) van Omar is 2.600 euro per maand. Wat krijgt hij meestal op zijn bankrekening?
A: Meer dan 2.600 euro.
B: Precies 2.600 euro.
C: Minder dan 2.600 euro.
Vraag 17
Beeld: Een sollicitant stuurt documenten vanaf een laptop.
Mila solliciteert naar een baan. Welke documenten kan zij meesturen?
A: Een cv (eğitim ve iş deneyimi özeti) en een sollicitatiebrief (iş başvuru mektubu).
B: Een huurcontract (kira sözleşmesi) en een boodschappenlijst.
C: Een paspoort van haar buurman.
Vraag 18
Beeld: Werknemers lezen samen een document met afspraken.
In een cao (toplu iş sözleşmesi) staan afspraken over werk. Waarover gaan die afspraken vaak?
A: Salaris, werktijden en vrije dagen.
B: De kleur van de voordeur.
C: Welke huisarts iemand heeft.
Vraag 19
Beeld: Een vrouw werkt drie dagen per week in een kinderopvang (çocuk bakımı).
Rosa wil in deeltijd (yarı zamanlı) werken. Kan dat in Nederland?
A: Ja, dat kan.
B: Alleen als zij met pensioen is.
C: Nee, iedereen moet fulltime werken.
Vraag 20
Beeld: Een contract met een duidelijke einddatum ligt op tafel.
Daan heeft een arbeidscontract (iş sözleşmesi) tot 31 december. Wat voor contract is dit?
A: Een tijdelijk contract (belirli süreli iş sözleşmesi).
B: Een contract zonder einddatum.
C: Een vrijwilligerscontract zonder afspraken.
Vraag 21
Beeld: Een zieke werknemer belt met zijn manager vanuit bed.
Sanne is ziek en kan niet werken. Wat moet zij doen?
A: Zich op tijd ziek melden volgens de regels van haar werkgever.
B: Niets zeggen en thuisblijven.
C: De Belastingdienst bellen om verlof te vragen.
Vraag 22
Beeld: Een werknemer bekijkt zijn loonstrook.
Waarvoor is een loonstrook bedoeld?
A: Om te zien hoeveel iemand heeft verdiend en wat er is ingehouden.
B: Om een rijbewijs aan te vragen.
C: Om een huurhuis te bezichtigen.
Vraag 23
Beeld: Een zelfstandige vult online een btw-aangifte (katma değer vergisi beyannamesi) in.
Noor heeft een eigen bedrijf en moet btw-aangifte doen. Bij welke organisatie doet zij dit?
A: De Belastingdienst.
B: De brandweer (itfaiye).
C: Het consultatiebureau.
Vraag 24
Beeld: Een jonge medewerker tekent een contract in een winkel.
Een werkgever biedt een werknemer van 25 jaar minder dan het wettelijk minimumloon (yasal asgari ücret). Mag dat?
A: Ja, als de werknemer akkoord gaat.
B: Nee, de werkgever moet zich aan het minimumloon houden.
C: Alleen in de eerste maand.
Wonen (konut)
Vraag 25
Beeld: Een huurcontract met het woord servicekosten (ortak hizmet giderleri).
Jade huurt een appartement. Zij betaalt ook servicekosten. Waarvoor zijn servicekosten vaak?
A: Kosten voor bijvoorbeeld schoonmaak van gemeenschappelijke ruimtes.
B: Kosten voor haar zorgverzekering.
C: Kosten voor haar rijexamen.
Vraag 26
Beeld: Een rookmelder (duman alarmı) hangt aan het plafond in een gang.
Waarom hangt er een rookmelder in huis?
A: Om brand of rook snel te merken.
B: Om de huur automatisch te betalen.
C: Om internet sneller te maken.
Vraag 27
Beeld: Een huurder ziet water uit het plafond komen.
Bij Karim lekt water uit het plafond van zijn huurwoning. Wat doet hij het beste eerst?
A: Aan de verhuurder (ev sahibi) of woningcorporatie melden dat er lekkage is.
B: De kinderopvang bellen.
C: Wachten tot de gemeente elke woning controleert.
Vraag 28
Beeld: Een elektriciteitsmeter toont meterstand (sayaç okuma değeri) 004582 kWh (kilovatsaat) en meternummer (sayaç numarası) 781204.
Liv moet haar stroomstand doorgeven. Welk getal geeft zij door?
A: 781204.
B: 004582.
C: 2026.
Onderwijs en opvoeding (eğitim ve çocuk yetiştirme)
Vraag 29
Beeld: Een klein kind met een rugzak staat bij een basisschool.
Wanneer begint de leerplicht (zorunlu eğitim) voor een kind in Nederland?
A: Vanaf 4 jaar.
B: Op de eerste dag van de maand nadat het kind 5 jaar is geworden.
C: Vanaf 7 jaar.
Vraag 30
Beeld: Ouders praten met een leerkracht aan een tafel.
Wat gebeurt er meestal tijdens een oudergesprek (veli-öğretmen görüşmesi) op school?
A: Ouders praten met de school over hoe het met hun kind gaat.
B: Ouders vragen een paspoort aan.
C: Ouders betalen inkomstenbelasting.
Vraag 31
Beeld: Een leerling met een vmbo-diploma (meslek öncesi ortaöğretim diploması) kijkt naar schoolfolders.
Na het vmbo wil Sem een beroepsopleiding doen. Waar kan hij meestal naartoe?
A: Naar het mbo (orta düzey mesleki eğitim).
B: Direct naar de universiteit.
C: Naar het consultatiebureau.
Geschiedenis en geografie (tarih ve coğrafya)
Vraag 32
Beeld: Mensen dragen oranje kleding op straat.
Wanneer is Koningsdag in Nederland?
A: 27 april. Als dat een zondag is, 26 april.
B: 4 mei.
C: 25 december.
Vraag 33
Beeld: Een kaart van Nederland met Maastricht gemarkeerd.
In welke provincie ligt Maastricht?
A: Groningen.
B: Limburg.
C: Noord-Holland.
Vraag 34
Beeld: Een polder (su setleriyle çevrili arazi) met dijken (su setleri) en weilanden onder zeeniveau.
Waarom zijn dijken belangrijk in Nederland?
A: Ze helpen het land beschermen tegen water.
B: Ze zorgen dat winkels langer open zijn.
C: Ze bepalen wie mag stemmen.
Vraag 35
Beeld: Een oude kaart van Indonesië en Nederland.
Welk land was vroeger een kolonie van Nederland?
A: Indonesië.
B: Noorwegen.
C: Zwitserland.
Staatsinrichting en rechtsstaat (devlet yapısı ve hukuk devleti)
Vraag 36
Beeld: Mensen staan met borden op een plein.
Wat betekent vrijheid van meningsuiting (ifade özgürlüğü) in Nederland?
A: Je mag je mening geven, maar discrimineren of iemand met de dood bedreigen mag niet.
B: Je mag nooit kritiek geven.
C: Je mag alleen thuis je mening geven.
Vraag 37
Beeld: Een rechter (hâkim) zit in een rechtszaal.
De politie denkt dat iemand iets heeft gestolen. De zaak komt voor de rechter. Wie bepaalt dan of deze persoon een straf krijgt?
A: De rechter.
B: De buurman.
C: De werkgever.
Vraag 38
Beeld: De Tweede Kamer (Temsilciler Meclisi) vergadert in Den Haag.
Wie maakt landelijke wetten in Nederland?
A: Alleen de politie.
B: De regering (hükûmet) en het parlement (parlamento).
C: Alleen de koning.
Vraag 39
Beeld: Een burgemeester (belediye başkanı) spreekt bij een officiële bijeenkomst.
Wat is een taak van de burgemeester?
A: Zorgen voor openbare orde en veiligheid in de gemeente.
B: Alle huurprijzen in Nederland bepalen.
C: Examens van DUO nakijken.
Vraag 40
Beeld: Een vrouw met een EU-paspoort (Avrupa Birliği pasaportu) staat bij een stemlokaal.
Elena is 30 jaar en heeft de Spaanse nationaliteit. Op de dag van kandidaatstelling (aday gösterme) staat zij ingeschreven in haar Nederlandse gemeente. Zij is in Nederland en Spanje niet uitgesloten van het kiesrecht (oy kullanma hakkı). Mag zij bij gemeenteraadsverkiezingen (belediye meclisi seçimleri) stemmen?
A: Nee, nooit zonder Nederlands paspoort.
B: Ja, zij voldoet aan de voorwaarden voor EU-burgers.
C: Alleen als zij een rijbewijs heeft.
Cevap anahtarı
Her doğru cevap için kendine bir puan ver. Yanlışlarını konulara göre karşılaştırmak için aşağıdaki soru aralıklarını kullan.
Geniş tabloları yatay olarak kaydırabilirsiniz.
| Konu | Sorular | Cevaplar |
|---|---|---|
| Sağlık ve sağlık hizmetleri | 1–5 | 1 B, 2 A, 3 B, 4 A, 5 A |
| Sosyal davranışlar, değerler ve kurallar | 6–8 | 6 A, 7 B, 8 B |
| Kurumlar | 9–15 | 9 A, 10 B, 11 A, 12 A, 13 A, 14 A, 15 A |
| İş ve gelir | 16–24 | 16 C, 17 A, 18 A, 19 A, 20 A, 21 A, 22 A, 23 A, 24 B |
| Konut | 25–28 | 25 A, 26 A, 27 A, 28 B |
| Eğitim ve çocuk yetiştirme | 29–31 | 29 B, 30 A, 31 A |
| Tarih ve coğrafya | 32–35 | 32 A, 33 B, 34 A, 35 A |
| Devlet yapısı ve hukuk devleti | 36–40 | 36 A, 37 A, 38 B, 39 A, 40 B |
Örneğin 1–5. sorularda üç yanlışın varsa sağlık ve sağlık hizmetleri konusunu yeniden çalış. Muayenehane seçme ve tıbbi yardım alma hakkında huisarts rehberini okuyabilirsin.
Aşağıdaki resmi kaynaklar, sorularda kullanılan kuralları destekler.
Sonucuna göre çalış
Doğru cevap sayın 40 üzerinden yaklaşık 28’in altındaysa önce yanlış yaptığın konuları çalış. Sonra süre tutarak yeni bir set çöz. Bu ölçüte ulaştıysan her yanlışını gözden geçir ve DUO’nun resmi deneme sınavlarını çöz. Her durumda hangi kurumun sorumlu olduğunu, hangi kuralın geçerli olduğunu ve ilk ne yapman gerektiğini belirle.
Resmi Kaynaklar
- DUO: Kennisexamens (bilgi sınavları) (Harici site, yeni sekmede açılır) - KNM, farklı konuları kapsayan ve 45 dakika süren bir bilgisayar sınavıdır.
- DUO: Oefenen (alıştırma) (Harici site, yeni sekmede açılır) - İki KNM seti dâhil olmak üzere resmi A2 ve KNM deneme sınavları.
- Besluit inburgering 2021 (2021 Uyum Kararnamesi), 3.4. madde (Harici site, yeni sekmede açılır) - KNM sınavının resmi konu alanları.
- Güncel KNM müfredatı (Harici site, yeni sekmede açılır) - Sekiz konu, A2 düzeyinde dil, görsel destek ve konu bilgisi; 1 Temmuz 2025’ten beri yürürlükte.
- Yayımlanan Besluit inburgering 2021 (Harici site, yeni sekmede açılır) - 3.4. madde sekiz KNM konusunu sıralar; kararnamenin erişilebilir resmi yayını.
- Rijksoverheid (Hollanda hükûmeti): gebelik testleri (Harici site, yeni sekmede açılır) - 4. soru: ebeler gebelikte bakım verir ve doğum öncesi testler hakkında bilgi sağlar.
- Rijksoverheid: eigen risico (Harici site, yeni sekmede açılır) - 5. soru: sigortanın kendin ödediğin payına giren sağlık giderlerini sen ödersin.
- Politie (polis): gürültü rahatsızlığı (Harici site, yeni sekmede açılır) - 7. soru: gürültü sorununu önce gürültüye neden olan kişiyle çözmeye çalış.
- Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland (Hollanda somut olmayan kültürel miras merkezi): Sinterklaas gelenekleri (Harici site, yeni sekmede açılır) - 8. soru: kapıya ayakkabı koymak Sinterklaas kutlamasının bir parçasıdır.
- Dienst Toeslagen (sosyal yardım kurumu): zorgtoeslag başvurusu (Harici site, yeni sekmede açılır) - 11. soru: belastingdienst.nl üzerindeki Mijn toeslagen hesabından başvur.
- Rijksoverheid: pasaport başvuruları (Harici site, yeni sekmede açılır) - 12. soru: Hollanda vatandaşlığı koşulu ve kayıtlı olduğun belediyeye başvurma kuralı.
- DUO: girmen gereken sınavlar (Harici site, yeni sekmede açılır) - 15. soru: hangi sınavlara girmen gerektiğini Mijn Inburgering hesabından kontrol et.
- Ondernemersplein (işletmelere yönelik resmi bilgi platformu): maaş bordroları (Harici site, yeni sekmede açılır) - 16. ve 22. sorular: maaş bordrosundaki brüt ücret, net ücret ve kesintiler.
- Rijksoverheid: belirli ve belirsiz süreli iş sözleşmeleri (Harici site, yeni sekmede açılır) - 20. soru: belirli süreli bir iş sözleşmesi, belirlenmiş bir süre için geçerlidir.
- Arboportaal (iş sağlığı ve güvenliği hakkında resmi bilgi platformu): hastalık bildirimi (Harici site, yeni sekmede açılır) - 21. soru: işvereninin uyguladığı yönteme göre hastalığını zamanında bildir.
- Belastingdienst: katma değer vergisi beyannameleri (Harici site, yeni sekmede açılır) - 23. soru: katma değer vergisi beyannamesini vergi dairesine ver.
- Rijksoverheid: yasal asgari saat ücreti (Harici site, yeni sekmede açılır) - 24. soru: işverenler en az geçerli asgari saat ücretini ödemelidir; yetişkin ücreti 21 yaştan itibaren geçerlidir.
- Rijksoverheid: ortak hizmet giderleri (Harici site, yeni sekmede açılır) - 25. soru: ortak alanların temizliği ortak hizmet gideri olabilir.
- Rijksoverheid: duman alarmları (Harici site, yeni sekmede açılır) - 26. soru: duman alarmları duman veya yangın için erken uyarı verir.
- Rijksoverheid: ev sahibinin bakım sorumluluğu (Harici site, yeni sekmede açılır) - 27. soru: su sızıntısını önce ev sahibine bildir.
- Rijksoverheid: ilkokula başlama (Harici site, yeni sekmede açılır) - 29. soru: zorunlu eğitim, çocuğun beşinci doğum gününden sonraki ay başlar.
- Rijksoverheid: vmbo ve mbo (Harici site, yeni sekmede açılır) - 31. soru: vmbo, öğrencileri mbo eğitimine hazırlar; giriş koşulları vardır.
- Koninklijk Huis (Kraliyet ailesi): Koningsdag (Harici site, yeni sekmede açılır) - 32. soru: 27 Nisan; 27 Nisan pazar gününe denk gelirse 26 Nisan.
- Provincie Limburg (Limburg ili): ilin coğrafyası (Harici site, yeni sekmede açılır) - 33. soru: Maastricht, Limburg ilinde bir belediyedir.
- Rijksoverheid: Endonezya’nın sömürge tarihi (Harici site, yeni sekmede açılır) - 35. soru: Endonezya’nın Nederlands-Indië (Hollanda Doğu Hint Adaları) adıyla Hollanda sömürgesi olduğu dönem.
- Rijksoverheid: ifade özgürlüğü (Harici site, yeni sekmede açılır) - 36. soru: ifade özgürlüğünün yasal sınırları vardır; ayrımcılığa teşvik yasağı bunlardan biridir.
- Politie: suç oluşturan tehditler (Harici site, yeni sekmede açılır) - 36. soru: ağır şiddet tehdidi suç oluşturabilir.
- Openbaar Ministerie (savcılık kurumu): mahkeme duruşması olmadan verilen cezalar (Harici site, yeni sekmede açılır) - 37. soru: bazı cezalar hâkim olmadan verilebilir; bu yüzden soru mahkemede görülen bir davayı belirtir.
- Rijksoverheid: belediye başkanları (Harici site, yeni sekmede açılır) - 39. soru: belediye başkanları kamu düzeni ve güvenlikten sorumludur.
- Kiesraad (Seçim Kurulu): Hollanda vatandaşı olmayan seçmenler (Harici site, yeni sekmede açılır) - 40. soru: AB vatandaşları yaş, belediye kaydı ve oy hakkı koşullarını karşılamalıdır.