Begin met je verplichte examens en één oefenexamen
Bekijk in je officiële brief of je persoonlijk plan inburgering en participatie (PIP) welke examens je moet doen. Maak één officieel oefenexamen op het juiste niveau. Plan daarna elke week tijd voor de opdrachten die je het moeilijkst vindt. Neem je spreekantwoorden op en laat iemand je schrijfwerk nakijken. Lees vóór de examendag je oproepbrief en controleer je identiteitsbewijs en de reis naar de examenlocatie.
1. Controleer je route voordat je oefenmateriaal kiest
Welke examens je moet doen, hangt af van je wet en route. Val je onder de Wet inburgering 2021? Dan staan je route en verplichte examens in je PIP. De gemeente maakt dit plan samen met je. Onder de Wet inburgering 2013 hangt het van de start van je inburgeringsplicht af welke onderdelen je moet halen.
In Mijn Inburgering zie je volgens DUO (Dienst Uitvoering Onderwijs) (Externe website, opent in een nieuw tabblad) onder welke wet je valt en welke examens je moet doen. Lees ook je officiële brief voordat je boeken, een app of een cursus kiest. Weet je het nog niet zeker? Lees dan welk Nederlands examen je nodig hebt. De gids over het inburgeringsexamen geeft een overzicht van de onderdelen.
Door bijvoorbeeld een ziekte of een diploma hoef je soms minder examens te doen, of helemaal geen examen. Bekijk de gids over vrijstellingen en uitzonderingen bij inburgering voordat je examenonderdelen in je studieplan zet.
Bereid je je buiten Nederland voor op het basisexamen inburgering buitenland? Gebruik dan het oefenmateriaal op A1. Dat examen heeft drie onderdelen: Kennis van de Nederlandse Samenleving (KNS), Lezen en Spreken. Naar Nederland (Externe website, opent in een nieuw tabblad) legt de onderdelen uit en biedt een zelfstudiepakket.
2. Begin met een officieel oefenexamen
Met één officieel oefenexamen ontdek je welke opdrachten je nog moet oefenen. Voor A2 zijn er officiële oefenexamens van DUO (Externe website, opent in een nieuw tabblad) voor Schrijven, Spreken, Luisteren, Lezen en Kennis van de Nederlandse Maatschappij (KNM). DUO raadt een vaste computer aan. Gebruik voor de A2-spreekoefeningen een andere browser dan Safari.
Oefen je voor B1? Gebruik dan de oefenomgeving van Staatsexamen NT2 (Nederlands als tweede taal) (Externe website, opent in een nieuw tabblad). Daar vind je ook oefeningen voor B2. Volgens de website werkt de oefenomgeving alleen goed op een computer of laptop. Oefen tegelijk met de knoppen op het scherm, de uitleg bij de opdrachten en de beschikbare tijd.
Om te slagen voor A2 Lezen en Luisteren moet je per onderdeel ongeveer 18 van de 25 vragen goed beantwoorden. Voor KNM zijn dat ongeveer 28 van de 40 antwoorden. Voor A2 Schrijven heb je ongeveer 65% van de punten nodig. Zoek bij elk fout antwoord uit waar het misging. Laat ook je spreek- en schrijfantwoorden nakijken.
Wil je daarna verder oefenen? Kies dan een gratis oefenexamen van Inburgering.org. Deze opdrachten zijn ons eigen oefenmateriaal.
Maak je weekplan met de fouten uit je oefenexamen
Geef de moeilijkste opdrachten een vaste plek in je weekplan. Hoor je bijvoorbeeld de tijd van een afspraak niet goed? Luister op maandag naar een korte opname. Schrijf de tijd op en controleer daarna de uitgeschreven tekst. Herhaal dezelfde woorden later in de week.
3. Oefen de opdrachten die je op je examen krijgt
Oefen wat je op het examen met het Nederlands moet doen. Zoek een antwoord in een bericht, luister naar een voicemail, vul een formulier in of schrijf een kort bericht. Bij B1 Spreken geef je na de pieptoon antwoord. Gebruik zinnen die je binnen de spreektijd kunt afmaken.
Kies de oefeningen die passen bij jouw examenonderdelen:
- Lezen: markeer in een geprinte oefentekst de woorden die je antwoord bewijzen, of schrijf ze in je notities.
- Luisteren: let op namen, tijden, plaatsen, redenen en veranderingen in een plan.
- Schrijven: geef alle gevraagde informatie. Gebruik bij een bericht een begin en een afsluiting.
- Spreken: begin met één of twee duidelijke zinnen. Noem daarna de andere punten uit de opdracht.
- KNM: verbind elk onderwerp met het dagelijks leven in Nederland en oefen de Nederlandse woorden uit de vragen.
Oefen schrijven op dezelfde manier als op je examen. Bij A2 Schrijven werk je met pen en papier (Externe website, opent in een nieuw tabblad). Bij NT2 Schrijven typ je je antwoorden (Externe website, opent in een nieuw tabblad).
4. Leer de woorden uit je fouten
Bewaar woorden uit vragen die je fout had. Maak er korte zinnen mee over werk, gezondheid, wonen, school, vervoer, de overheid of afspraken. Bijvoorbeeld: “Ik wil mijn afspraak verzetten”. Schrijf daarna zelf een zin en controleer de betekenis en de woordvolgorde.
Wil je woorden leren voor een bezoek aan de huisarts? Lees dan hoe je een huisarts vindt en een afspraak maakt. Bewaar de woorden die je nodig hebt om uit te leggen waarom je belt.
5. Neem je spreekantwoorden op en luister terug
Oefen vóór de examendag met spreken tegen een computer. Zet een timer en neem jezelf op met je telefoon. Stop de opname tussendoor niet. Luister drie keer terug: eerst naar de duidelijkheid, daarna naar de grammatica en tot slot naar de informatie. Heb je alle punten van de opdracht genoemd?
Ben je gewend aan een mondeling examen met een docent? Oefen dan ook zonder gesprekspartner, zodat je zelf alle punten van de opdracht noemt.
Bijvoorbeeld: “Where do you buy groceries? What do you buy?” Geef op beide vragen antwoord: “Ik koop bij de supermarkt. Ik koop brood en melk”. Houd je bij het oefenen aan de uitleg en de tijdslimiet van de opdracht.
Voor gesprekken in het dagelijks leven kun je oefenen met “Kunt u dat herhalen?”.
6. Laat iemand je schrijfwerk nakijken
Een ander ziet soms schrijffouten die je zelf mist. Vraag een docent, taalmaatje, school of Nederlandstalige om een paar korte teksten na te kijken. Stel deze drie vragen:
- Ontbreken er gevraagde punten in mijn antwoord? Zo ja, welke?
- Welke informatie kan beter eerder of later in de tekst staan?
- Welke fout maak ik meer dan één keer?
Gebruik de antwoorden om te bepalen wat je volgende week oefent. Ben je in een e-mail vergeten een reden te geven? Schrijf de e-mail opnieuw, met die reden erbij. Controleer bij een formulier ieder invulvak. Een formulier vraagt geen begroeting en afsluiting zoals een e-mail.
Zoek je iemand om mee te oefenen? Op het taaloverzicht van de bibliotheken kun je met je postcode zoeken naar een Taalhuis, taalmaatje of taalactiviteit in de buurt.
7. Controleer je oproepbrief, identiteitsbewijs en reis
In je oproepbrief staat wat je op de examendag moet doen. Voor A2 staan volgens DUO de belangrijkste regels in de brief en alle regels in het examenreglement. Lees een week vóór je examen de gids met regels voor de A2-examendag. Controleer ook de officiële examenregels van DUO (Externe website, opent in een nieuw tabblad).
Neem een geldig, onbeschadigd legitimatiebewijs mee. Heb je bij A2 geen identiteitsbewijs, of is het ongeldig of beschadigd? Dan mag je volgens DUO geen examen doen en moet je je opnieuw aanmelden.
Lees voor B1 de officiële regels voor de NT2-examendag (Externe website, opent in een nieuw tabblad). Neem je geldige identiteitsbewijs en oproepbrief mee. In de brief staat hoe laat je er moet zijn. Als je te laat komt, mag je de examenruimte niet in. Controleer de locatie en plan de reis vóór de examendag.
Voorkom deze fouten bij je voorbereiding
Kijk of je een van deze vier fouten maakt:
- Je oefent B1 terwijl je volgende verplichte examen A2 is. Of je oefent alleen A2 terwijl je route Staatsexamen NT2 vraagt.
- Je leert de KNM-feiten in je eigen taal, maar oefent niet met de Nederlandse woorden in de vragen.
- Je wacht met hardop spreken tot je je zeker voelt.
- Je boekt een nieuwe poging voordat je het probleem hebt opgelost waardoor je de vorige keer zakte.
Kies je volgende oefentaak
Weet je nog niet welke examens je moet doen? Bekijk eerst je brief, je plan en Mijn Inburgering. Ken je het verplichte niveau? Maak dan een officieel oefenexamen en gebruik je fouten voor je weekplan. Ben je gezakt voor een onderdeel? Bekijk waar het misging en laat iemand je antwoorden nakijken voordat je een nieuwe poging boekt. Heb je je examen al geboekt? Controleer dan nu je oproepbrief, identiteitsbewijs en reis.
Kies voor je volgende oefenmoment een van deze pagina’s:
- Auteur
- Door Inburgering.org team
- Reviewer
- Gereviewd door Kirill Svavolia
Officiële bronnen
- DUO — Welke examens (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Welke examens je moet doen onder de wetten uit 2013 en 2021 en waar je dit in je PIP en Mijn Inburgering kunt controleren.
- DUO — Oefenen (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Officiële A2-oefenexamens voor vijf onderdelen, verwijzingen naar B1 en B2, advies om een vaste computer te gebruiken en de beperking van A2-spreekoefeningen in Safari.
- DUO — Regels voor het examen (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De regels voor de oproepbrief en het examenreglement bij A2; zonder geldig, onbeschadigd identiteitsbewijs mag je geen examen doen.
- Staatsexamens NT2 — Examens oefenen (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De officiële NT2-oefenomgeving werkt goed op een computer of laptop.
- Naar Nederland — Leren voor het examen (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De drie onderdelen van het A1-examen in het buitenland en het zelfstudiepakket Naar Nederland.
- DUO — Taalexamens (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De soorten opdrachten bij de A2-taalexamens, waaronder schrijven met pen en papier.
- Staatsexamens NT2 — Hoe ziet het examen eruit? (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De NT2-examenopdrachten, typen bij Schrijven en spreken in een microfoon na een pieptoon.
- Staatsexamens NT2 — Hoe gaat het examen? (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - De NT2-examendag: neem een geldig identiteitsbewijs en de oproepbrief mee en kom op de tijd die in de brief staat.
- De Bibliotheek — Taalactiviteiten zoeken (Externe website, opent in een nieuw tabblad) - Zoeken met je postcode naar een Taalhuis, taalmaatje, taalcursus of andere taalactiviteit in de buurt.